<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>bugter.com</title>
	<atom:link href="http://www.bugter.com/?feed=rss2" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.bugter.com</link>
	<description>Online communicatie, internet &#38; intranet</description>
	<lastBuildDate>Thu, 13 May 2010 14:24:11 +0000</lastBuildDate>
	<generator>http://wordpress.org/?v=2.8.5</generator>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
			<item>
		<title>Wat zijn anno 2010 de belangrijkste thema’s rondom intranet?</title>
		<link>http://www.bugter.com/?p=221</link>
		<comments>http://www.bugter.com/?p=221#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 10 May 2010 14:11:54 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Boudewijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[CommunicatieOnline]]></category>
		<category><![CDATA[accountability]]></category>
		<category><![CDATA[interne communicatie]]></category>
		<category><![CDATA[intranet]]></category>
		<category><![CDATA[online communicatie]]></category>
		<category><![CDATA[social media]]></category>
		<category><![CDATA[Taakmanagement]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.bugter.com/?p=221</guid>
		<description><![CDATA[De Amerikaans-Franse intranetautoriteit Jane McConnell doet voor het vijfde jaar onderzoek naar de belangrijkste strategische thema’s rondom intranet en online samenwerken. In juni 2010 start de nieuwste enquête, maar het vooronderzoek (bedoeld om de onderwerpen van de vragenlijst te bepalen) geeft al een interessant beeld van wat er écht speelt rond intranet. 205 organisaties deden [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft" src="http://www.sabelcommunicatie.nl/l/library/download/5678?" alt="communicatie-online" width="121" height="31" />De Amerikaans-Franse intranetautoriteit Jane McConnell doet voor het vijfde jaar onderzoek naar de belangrijkste strategische thema’s rondom intranet en online samenwerken. In juni 2010 start de nieuwste enquête, maar het vooronderzoek (bedoeld om de onderwerpen van de vragenlijst te bepalen) geeft al een interessant beeld van wat er écht speelt rond intranet. 205 organisaties deden mee. De Nederlandse intranetprofessional zal veel van de thema’s herkennen. En doet er dus verstandig aan de echte enquête in de smiezen te houden. <span id="more-221"></span></p>
<p><strong>Intranet in het dagelijks werk</strong></p>
<p>70% van de ondervraagden vond het inpassen van intranet in de dagelijkse werkzaamheden zeer relevant. Dan gaat het over onderwerpen als samenwerking – het implementeren van wiki’s, discussieplatorms etc. – en het integreren van samenwerkingstools, businessapplicaties, HR- en administratiesystemen.</p>
<p><strong>Rol van senior management en eigenaarschap</strong></p>
<p>Het bewustzijn bij en ondersteuning door senior management is voor de ondervraagde organisaties een van de belangrijkste aandachtspunten. Datzelfde geldt voor een actieve rol voor senior management bij intranetactiviteiten. Überhaupt staan zaken als eigenaarschap (wie gaat waarover?) en rollen in het intranet(beheer) centraal.</p>
<p><strong>Verbinden van mensen</strong></p>
<p>Voor de deelnemers staat het verbinden van mensen op een belangrijke derde plek. Zowel door medewerkers een stem te geven (met behulp van blogs, reactiemogelijkheden, twitter-achtige applicaties en dergelijke), als door mensen daadwerkelijk aan elkaar te verbinden met behulp van sociale-netwerktools en persoonlijke pagina’s.</p>
<p><strong>Strategie, governance en accountability</strong></p>
<p>Er wordt duidelijk meer aandacht besteed aan de koppeling met strategische doelen en thema’s als governance. Dan gaat het om vragen als:</p>
<ul>
<li>Wat zijn de belangrijkste strategische principes en strategische ‘drivers’, die het intranet moet ondersteunen?</li>
<li>Wat zijn daarbij de obstakels en uitdagingen?</li>
<li>Welke eisen stellen de sociale aspecten van intranet aan governance?</li>
<li>Welke impact hebben de sociale aspecten van intranet op onze business? En hoe meten we dat?</li>
<li>Hoe kunnen we het effect van onze intranetactiviteiten überhaupt meten en evalueren?</li>
</ul>
<p><strong>Veranderende rollen en meer gebruiksvriendelijkheid</strong></p>
<p>Veel organisaties zien rond intranet anno 2010 de rol van en de samenwerking tussen de communicatie-, HR- en IT-afdelingen veranderen. Waar zit dat in? Wat moet die nieuwe rollen worden? Hoe verandert de samenerking? Bovendien zien steeds meer organisaties het belang van een overkoepelende user experience-strategie, waarin eisen en activiteiten rondom het (monitoren en verbeteren van) gebruiksvriendelijkheid worden vastgelegd.</p>
<p><strong>Verschillende typen medewerkers en de gevolgen voor intranettoegang</strong></p>
<p>Ten slotte worstelt de helft van de ondervraagde organisaties met verschillende typen medewerkers. Dan gaat het bijvoorbeeld om medewerkers in de buitendienst, of op de werkvloer. Hoe betrek je hen bij intranet? Is het een oplossing om intranet mobiel en/of vanuit huis toegankelijk te maken? Of levert dat meer problemen op dan dat het oplost?</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.bugter.com/?feed=rss2&amp;p=221</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Rijksoverheid.nl: goed begin, maar wel half werk</title>
		<link>http://www.bugter.com/?p=218</link>
		<comments>http://www.bugter.com/?p=218#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 07 Apr 2010 06:00:01 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Boudewijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[Frankwatching.com]]></category>
		<category><![CDATA[Customer Carewords]]></category>
		<category><![CDATA[klantgerichte websites]]></category>
		<category><![CDATA[online communicatie]]></category>
		<category><![CDATA[persona's]]></category>
		<category><![CDATA[Taakmanagement]]></category>
		<category><![CDATA[webcommunicatie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.bugter.com/?p=218</guid>
		<description><![CDATA[“Eén site voor de hele overheid? Dat kan nooit werken.” Met een gezonde dosis scepsis bezocht ik Rijksoverheid.nl. Mijn eerste indruk was inderdaad niet positief. Een zeer algemene menustructuur, een op het eerste oog onoverzichtelijke vergaarbak aan onderwerpen. Pff, error! Voor dit artikel dook ik er dieper in. En eerlijk is eerlijk: Rijksoverheid.nl zit – [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div><img class="alignleft" style="margin: 5px;" src="http://www.sabelcommunicatie.nl/l/library/download/2536?" alt="logo  frankwatching" width="181" height="35" />“Eén site voor de hele overheid? Dat kan nooit werken.” Met een gezonde dosis scepsis bezocht ik Rijksoverheid.nl. Mijn eerste indruk was inderdaad niet positief. Een zeer algemene menustructuur, een op het eerste oog onoverzichtelijke vergaarbak aan onderwerpen. Pff, error! Voor dit artikel dook ik er dieper in. En eerlijk is eerlijk: Rijksoverheid.nl zit – in de basis – goed in elkaar. Toch zie ik cruciale verbeterpunten.<span id="more-218"></span></div>
<p><!-- <a href="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-admin/post.php?action=edit&amp;post=56524" mce_href="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-admin/post.php?action=edit&amp;post=56524" title="Bericht bewerken">bewerk</a> &#8211;></p>
<h2>31 maart 2010: livegang moeder aller overheidswebsites</h2>
<p><img style="float: right;" title="logotype-rijksoverheid" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/04/logotype-rijksoverheid.gif" alt="logotype-rijksoverheid" width="126" height="75" />Eerst even de achtergronden op een rij. Op 31 maart – livegang op 1 april zal de verantwoordelijke projectdirectie, Overheidscommunicatie Nieuwe Stijl (ONS) van het ministerie van Algemene Zaken, om <em>obvious reasons</em> niet hebben aangedurfd – is de moeder aller overheidswebsites gelanceerd: Rijksoverheid.nl.</p>
<h2>Overheidscommunicatie Nieuwe Stijl: kaders voor overheidscommunicatie</h2>
<p>In het kader van het project ONS zijn binnen de rijksoverheid gemaakt om alle departementen vanuit dezelfde principes te laten communiceren. Deze uitgangspunten gelden voor alle voorgenomen voorlichtingsactiviteiten (zoals Postbus 51- campagnes), in persvoorlichting en woordvoering. Een van de belangrijkste activiteiten van ONS is het ontwikkelen van een gemeenschappelijke website. Dat maakt het voor webbezoekers makkelijker om de juiste informatie te vinden, is het uitgangspunt. Want op één website van de rijksoverheid zou alle informatie overzichtelijk bij elkaar moeten staan.</p>
<h2>16 overheidswebsites geïntegreerd in Rijksoverheid.nl</h2>
<p>Op termijn vervangt de rijksbrede website 16 andere sites: de corporate sites van de 14 departementen (inclusief Jeugd en Gezin), postbus51.nl en regering.nl.</p>
<p>Met de lancering gingen regering.nl, postbus51.nl, minaz.nl, minez.nl, minocw.nl, minvws.nl en jeugdengezin.nl op zwart, maar de overige departementsites zijn vooralsnog nog live en gaan op korte termijn over. Een aantal websites zal echter blijven bestaan. Bijvoorbeeld een website over de krijgsmacht(delen), over thema’s of campagnes. Ook voor de websites van uitvoeringsorganisaties of agentschappen zoals de Belastingdienst of Rijkswaterstaat verandert er niets.</p>
<h2>Doelstellingen Rijksoverheid.nl</h2>
<p>Voor Rijksoverheid.nl formuleerde ONS de volgende <a onclick="pageTracker._trackPageview('/outlinks/article/http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/overheidscommunicatie/overheidscommunicatie-nieuwe-stijl-ons#e-n-gezamenlijke-website');" href="http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/overheidscommunicatie/overheidscommunicatie-nieuwe-stijl-ons#e-n-gezamenlijke-website">doelstellingen</a>:</p>
<ul>
<li>vergroten van de effectiviteit en eenduidigheid;</li>
<li>creëren van een overzichtelijk en herkenbaar beeld;</li>
<li>verbeteren en borgen van de toegankelijkheid en vindbaarheid van informatie van de rijksoverheid.</li>
</ul>
<h2>De proef op de som: doelstellingen en realiteit naast elkaar</h2>
<p>Op papier een mooi verhaal. Maar <em>the proof of the pudding is in the eating</em>. Laten we de meest in het oog springende van de drie doelstellingen, ‘Verbeteren en borgen toegankelijkheid en vindbaarheid informatie rijksoverheid’, eens toetsen aan de realiteit. Want of informatie (beter) vindbaar is, daar kunnen we wat over zeggen. In zoverre, dat we niet (meer) kunnen controleren hoe iets op de originele departementale website stond. Maar laten we de proef eens op de som nemen met 2 scenario’s.</p>
<h2>Scenario 1: leraar op een middelbare school met vraag over functiemix</h2>
<p>De ‘functiemix’ is de verdeling van leraren over de verschillende salarisschalen. Schoolbesturen krijgen geld van het ministerie van OCW om leraren promotie te kunnen geven naar hogere leraarsfuncties, met bijbehorende beloning. Deze maatregel, waardoor meer leraren in hogere salarisschalen komen, wordt aangeduid met ‘versterking van de functiemix’.</p>
<h3>Stap 1: de homepage van Rijksoverheid.nl</h3>
<p>Met gezond vertrouwen begin ik mijn zoektocht op de homepage van Rijksoverheid.nl. Ik zoek onder ‘Onderwijs en Wetenschap’, maar daar staat mijn onderwerp niet bij. Niet zo heel gek; het is natuurlijk ook wel een beetje voor insiders.</p>
<p style="text-align: center;"><img title="Homepage  Rijksoverheidpuntnl" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/04/Homepage-Rijksoverheidpuntnl-450x282.png" alt="Homepage Rijksoverheid.nl" width="450" height="282" /></p>
<p>Ik klik op de button: “Onderwerp niet gevonden? Toon alle onderwerpen” en kom op de pagina Onderwerpen.</p>
<p style="text-align: center;"><img title="banner-onderwerp-niet-gevonden" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/04/banner-onderwerp-niet-gevonden.gif" alt="&quot;Onderwerp niet gevonden? Toon alle onderwerpen&quot;" width="284" height="95" /></p>
<h3>Stap 2: zoeken via Onderwerpen</h3>
<p>Op de pagina Onderwerpen staan alle onderwerpen alfabetisch gerangschikt. Ik kijk eerst onder de ‘F’ van ‘functiemix’. Nee, geen resultaat. Dan misschien onder de ‘V’ van ‘versterking functiemix’? Ook niet. Mijn oog valt op een klein woordje, rechts van ‘alfabet’: ‘Thema’s’. Aha! Dan zal het daar wel staan. Maar nee. Ook hier, onder ‘Onderwijs en Wetenschap’ geen informatie over de functiemix.</p>
<p style="text-align: center;"><img title="Alfabet en thema  in Onderwerpen" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/04/Alfabet-en-thema-in-Onderwerpen-450x167.jpg" alt="Keuze tussen 'alfabet' en 'thema's'" width="450" height="167" /></p>
<p>Ik ga dan maar voor de zoekmachine.</p>
<h3>Stap 3: zoeken via de zoekmachine van de website</h3>
<p>Ik typ ‘functiemix’ in in de zoekmachine van Rijksoverheid.nl. Het tweede resultaat is veelbelovend: ‘Doorgroeimogelijkheden onderwijspersoneel’. Daar klik ik op en kom op een lange pagina met informatie over de functiemix. Er staat erg veel informatie, die ik niet allemaal in detail wil lezen – ik weet ook niet precies wát er nou eigenlijk staat.</p>
<p style="text-align: center;"><img title="Doorgroeimogelijkheden onderwijspersoneel" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/04/Doorgroeimogelijkheden-onderwijspersoneel-450x305.png" alt="De pagina 'Doorgroeimogelijkheden onderwijspersoneel':   zoekresultaat op 'functiemix'" width="450" height="305" /></p>
<p>Verder vind ik een doorverwijzing naar <a onclick="pageTracker._trackPageview('/outlinks/article/http://www.functiemix.ocw.nl/');" href="http://www.functiemix.ocw.nl/">www.functiemix.ocw.nl</a>; dat lijkt me een oude site. Ik klik daarop, en kom tot mijn verbazing weer terecht op Rijksoverheid.nl, maar dan – volgens de broodkruimel – in Home &gt; Onderwerpen &gt; (tadaa!) Functiemix. Het stáát er dus wel, maar is gewoon niet ontsloten via de Onderwerpen-lijst.</p>
<p style="text-align: center;"><img title="Functiemix op  Rijksoverheidpuntnl" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/04/Functiemix-op-Rijksoverheidpuntnl-450x282.png" alt="Er blijkt wel degelijk een dossier Functiemix te bestaan op   Rijksoverheid.nl" width="450" height="282" /></p>
<h3>Ten slotte: wat vindt Google?</h3>
<p>Ten slotte: wat had ik gevonden als ik (gewoon) via Google had gezocht? Ik kom meteen uit bij <a onclick="pageTracker._trackPageview('/outlinks/article/http://www.functiemix.ocw.nl/');" href="http://www.functiemix.ocw.nl/">www.functiemix.ocw.nl</a> en (dus) ook op de juiste pagina’s op Rijksoverheid.nl.</p>
<p style="text-align: center;"><img title="Zoeken met Google  naar functiemix" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/04/Zoeken-met-Google-naar-functiemix-450x288.png" alt="De resultaten die Google weergeeft op de query 'functiemix'" width="450" height="288" /></p>
<h2>Scenario 2: Aanvragen van een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) voor gastouders</h2>
<p>Sinds 1 januari 2010 moeten gastouders in het bezit zijn van een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG). Hoe makkelijk vind je daar informatie over op Rijksoverheid.nl?</p>
<h3>Stap 1: de homepage van Rijksoverheid.nl</h3>
<p>De onderwerpen op de homepage van www.rijksoverheid.nl geven een beetje richting. Onder “Familie, jeugd en gezin” staat een link naar kinderopvang. Doorklikken leert dat op die pagina geen links naar informatie over gastouderschap te vinden is. Terug in de browser en nu naar “Familie, jeugd en gezin” zelf, maar helaas, daar komt het woord gastouder niet voor.</p>
<p style="text-align: center;"><img title="rohnl_blok_Familie" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/04/rohnl_blok_Familie.png" alt="De onderwerpen op de homepage onder Familie, jeugd en gezin" width="295" height="79" /></p>
<h3>Stap 2: zoeken via Onderwerpen</h3>
<p>Onder de ‘V’ van ‘Verklaring’ vind ik inderdaad de verklaring omtrent het gedrag. Ik klik daarop, maar kom op een algemene pagina over de VOG. Hier wordt niets gezegd over gastouders. Ook niet in de veelgestelde vragen, onderaan de pagina (ook niet achter de link ‘meer vragen’). Ik ben er niet gerust op dat deze informatie mijn vraag beantwoordt, dus zoek nog even verder; ik wijk uit naar de zoekmachine.</p>
<h3>Stap 3: zoeken via de zoekmachine van de website</h3>
<p>Zoeken op “vog aanvraag gastouder” geeft als eerste link “Professionaliseren gastouderopvang”. Niet direct wat ik zoek, maar het bevat in ieder geval het woord gastouder. De pagina is lang en ergens halverwege een kop “Verklaring omtrent het gedrag” met iets daaronder een link naar een pdf getiteld “Aanvraagformulier VOG gastouder”.</p>
<p style="text-align: center;"><img title="rohnl_detailpag" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/04/rohnl_detailpag.png" alt="Een lange, niet-taakgerichte pagina als zoekresultaat" width="439" height="390" /></p>
<h3>Wat vindt Google?</h3>
<p>In Google zoeken op “vog aanvraag gastouder” geeft als tweede resultaat twee links naar de website van www.minocw.nl. Dat was bij de vorige zoekopdracht ook zo – de oude site staat kennelijk nog geïndexeerd in Google, wat natuurlijk geen probleem hoeft te zijn.</p>
<p>De resultaten geven meer problemen. De eerste link gaat naar een pdf met de titel “Justitie”. Ietwat verwarrend, maar aangezien in de URL iets van VOG_formulier staat zou het precies kunnen zijn wat ik zoek. Helaas: “Pagina niet gevonden”. Wel met de melding dat de informatie van www.minocw.nl nu staat op rijksoverheid.nl.</p>
<p>Even terug naar Google. De tweede link naar www.minocw.nl geeft de pagina “Kinderopvang”. Die bevat wel een paar keer het woord gastouder, maar geen link naar meer informatie daarover. Doorklikken naar “Wat is kinderopvang” toont onder Publicaties een link naar publicaties over gastouderopvang. Voorheen was die bij Postbus 51 te vinden, getuige de URL die “publicaties-pb51″ bevat. Een aanvraag is daar alleen niet te vinden.</p>
<h2>Conclusie: Rijksoverheid.nl is – op basis van deze ervaring – weinig taakgericht</h2>
<p>Rijksoverheid.nl is er nog lang niet. Hoewel het in de basis een goede, duidelijke website is, is het niet de meest taakgerichte website die ik ooit gezien heb. Er zijn meerdere lagen aan informatie die het voltooien van de taak in de weg staan. Het onderdeel Onderwerpen is erg breed; specifieke woorden missen daarin. Sowieso bevat het taalgebruik op cruciale pagina’s veel jargon. De zoekfunctie werkt goed, maar de inhoudspagina’s zijn erg uitgebreid en weinig taakgericht.</p>
<p>De URL-migratie is niet erg geslaagd. Dat er niet altijd één-op-één doorverwijzingen worden opgenomen is nog te begrijpen. Een 404-pagina voor documenten beoordeel ik echter wel als een echte fout.</p>
<h2>Deeplinks en zoekmachines vs navigatiestructuur</h2>
<p>Is mijn analyse een volledig representatieve weergave van de werkelijkheid? Nee, waarschijnlijk niet. Projectdirecteur Jeroen Sprenger zei in een <a href="http://www.frankwatching.com/archive/2009/05/12/debat-overheidscommunicatie-nieuwe-stijl-ons/">debat over de rijksbrede website met Rob Punselie</a>, vorig jaar in mei, dat er bij het ontwerp van Rijksoverheid.nl rekening mee gehouden werd dat het gros van de bezoekers via zoekmachines en deeplinks komt.</p>
<p>Toch ontslaat je dat wat mij betreft absoluut niet van de verplichting om de navigatiestructuur zo taakgericht, helder en eenduidig mogelijk te ontwerpen. En ook al is dat, met input van maar liefst 16 websites, <em>a hell of a job</em>… Dat hoort er dan toch een beetje bij.</p>
<p>Rijksoverheid.nl maakt zich er wat mij betreft met een jantje-van-leiden vanaf, door de wat al te gemakkelijke keuze voor het angstaanjagend algemene containerbegrip ‘Onderwerpen’ om alle informatie te ontsluiten. De huidige navigatiestructuur is – daar heeft het tenminste alle schijn van – een consensusproduct: we durven geen stelling te nemen over wat voor de burgers écht belangrijk is, want dan moeten we kiezen tussen de verschillende departementen. Dus kiezen we maar helemaal niet. Gemiste kans.</p>
<h2>Gedegen taakanalyse en aanpassing structuur zou website véél beter maken</h2>
<p>Wat volgens mij de site ten goede zou (zijn ge)komen, is een gedegen taakanalyse. Dat kan nu nog steeds, maar het was handiger geweest als het vooraf op alle deelnemende websites de vraag was losgelaten: Wat komen mensen hier nou écht doen?</p>
<p>Bijvoorbeeld met een Customer Carewordsanalyse, die de toptaken van de doelgroepen naar boven halen – doorgaans een wat tijdrovend proces, maar de hoofdindeling is nu al gemaakt, dus kan het vrij snel. Maar… om te voorkomen dat het een commercial voor de methode van mijn bureau wordt: er zijn natuurlijk veel meer methoden die goede resultaten opleveren. Belangrijkste is dat het <em>gebeurt</em>, want het is echt nodig. De huidige structuur is een zeer goede basis, maar kan veel en veel beter.</p>
<h2>Gebruik geen persona’s als leidraad, maar echte bezoekers!</h2>
<p>Belangrijkste punt is ten slotte, dat de website er echt véél beter op zou worden als de doelgroep erbij betrokken zou worden. In het al eerder aangehaalde debat hakte Punselie al stevig in op de werkwijze bij de ontwikkeling van Rijksoverheid.nl: er is voornamelijk gebruik gemaakt van persona’s, niet van methoden om de doelgroep écht te betrekken. Het bewijs dat Punselie gelijk had, is volgens mij hierboven wel geleverd.</p>
<h2>Uitdaging: durf één stap verder te gaan en herzie nog één keer de structuur!</h2>
<p>Vanaf deze plek daag ik ONS uit: ga nog één stap verder. Herzie nog één keer de structuur, maar doe het nu op basis van een (meer) gedegen taakanalyse, betrek je doelgroep(en) erbij en je zult zien: het wordt een veel en veel betere site. Succes!</p>
<h2>Meer achtergronden?</h2>
<p><a onclick="pageTracker._trackPageview('/outlinks/article/http://www.communicatieplein.nl/Onderwerpen/Corporate_communicatie/Project_ONS/Rijksbrede_website');" href="http://www.communicatieplein.nl/Onderwerpen/Corporate_communicatie/Project_ONS/Rijksbrede_website">Lees meer over alle activiteiten rondom ONS/de rijksbrede website</a>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.bugter.com/?feed=rss2&amp;p=218</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Intranet anno 2010: trends en best practices</title>
		<link>http://www.bugter.com/?p=213</link>
		<comments>http://www.bugter.com/?p=213#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 01 Feb 2010 07:00:52 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Boudewijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[Frankwatching.com]]></category>
		<category><![CDATA[interne communicatie]]></category>
		<category><![CDATA[internetadvies]]></category>
		<category><![CDATA[intranet]]></category>
		<category><![CDATA[online communicatie]]></category>
		<category><![CDATA[social media]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.bugter.com/?p=213</guid>
		<description><![CDATA[2010: het jaar waarin online communicatie de pioniersfase ontstijgt. Extern, maar zeker ook intern. Mogelijkheden voor kostenbesparing, meer efficiency, Het Nieuwe Werken – intranet wordt steeds belangrijker in organisaties. Daarom krijgt het meer aandacht en steken webteams er meer effort in. En leveren betere intranetten steeds meer ROI. De belangrijkste trends voor 2010 op een [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft" src="http://www.sabelcommunicatie.nl/l/library/download/2536?" alt="logo frankwatching" width="127" height="25" />2010: het jaar waarin online communicatie de pioniersfase ontstijgt. Extern, maar zeker ook intern. Mogelijkheden voor kostenbesparing, meer efficiency, Het Nieuwe Werken – intranet wordt steeds belangrijker in organisaties. Daarom krijgt het meer aandacht en steken webteams er meer effort in. En leveren betere intranetten steeds meer ROI. De belangrijkste trends voor 2010 op een rij. Met natuurlijk aandacht voor de beste intranetten van 2010.<span id="more-213"></span></p>
<h2>Intranet is hot</h2>
<p>Met meer dan 500 bezoekers was het eerste Nederlandse Intranet Congres in 2009 – volgens keynote speaker James Robertson – meteen het grootste ter wereld. De aandacht voor intranet neemt hand over hand toe. Onderzoeksresultaten en trendrapporten laten bemoedigende cijfers zien. Kortom: intranet is hot. In dit artikel een aantal belangrijke trends op een rij, gesignaleerd door toonaangevende experts.</p>
<h2>Toby Ward: sociale media op intranet vaak experiment, in 2010 grote uitrol</h2>
<p>Het integreren van de mogelijkheden van sociale media in corporate intranetten – dat is een van de belangrijkste trends van 2010. Tenminste, als we <a href="http://www.prescientdigital.com/about-us/team/toby-ward-president-ceo">intranetexpert Toby Ward </a> moeten geloven. En waarom zouden we hem niet geloven – de man heeft uitgebreid onderzoek gedaan: <a href="http://www.prescientdigital.com/articles/intranet-articles/intranet-2-0-becomes-mainstream">‘Intranet 2.0 – Social media becomes mainstream on the corporate intranet’</a>.</p>
<p>Volgens Ward heeft pakweg 50% van alle intranetten in de Westerse wereld blogs, wiki’s of andere 2.0-functionaliteit. Dat zijn echter vaak experimenten en pilots. Of de functionaliteiten zijn slechts voor een zeer beperkte groep gebruikers beschikbaar. In slechts 25% van de gevallen zijn die functionaliteiten ook beschikbaar op ‘enterprise level’.</p>
<p>2010 wordt het jaar van de grote uitrol, voorspelt Ward. Organisaties hebben dan voldoende geëxperimenteerd of gepilot, en durven de stap aan: ze stellen de functionaliteiten beschikbaar voor de hele organisatie. Maar dat niet alleen: het komende jaar zullen steeds meer organisaties op deze rijdende trein springen. Bovendien kunnen we rekenen op een ‘explosie van user generated content’.</p>
<p>Ten slotte voorspelt Ward dat we weer (meer) zullen gaan werken vanuit het adagium ‘KISS (Keep It Simple Stupid)’. De trend dat homepages steeds simpeler worden – lees: meer relevante informatie bevatten – zal ook in 2010 verder doorzetten.</p>
<h2>Jane McConnell: sociale media creëren hogere betrokkenheid bij medewerkers</h2>
<p>Een ander interessant rapport is dat van <a href="http://www.netjmc.net/intranet-trends/about.html">Jane McConnell, van NetStrategy/JMC: Global Intranet Trends</a>. Ze signaleert onder meer een toenemend draagvlak voor intranet onder senior management en besteedt veel aandacht aan de integratie van social media met intranet.</p>
<p>Meest opvallende resultaat? 25-30% van de organisaties die een vorm van social media inzetten, ondervinden drie grote voordelen:</p>
<ul>
<li>beter geïnformeerde medewerkers</li>
<li>(daardoor?) hogere betrokkenheid van medewerkers</li>
<li>veel effectiever delen van kennis</li>
</ul>
<p>Bekijk overigens ook dit interview met Jane McConnell over de uitkomsten van haar onderzoek in 2009 (nog altijd relevant!) na het IntraTeam Event 2009 in Denemarken:</p>
<p> <object classid="clsid:d27cdb6e-ae6d-11cf-96b8-444553540000" width="425" height="344" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,40,0"><param name="allowFullScreen" value="true" /><param name="allowScriptAccess" value="always" /><param name="src" value="http://www.youtube.com/v/wUZ9INM_llw&amp;color1=0xb1b1b1&amp;color2=0xcfcfcf&amp;hl=nl_NL&amp;feature=player_embedded&amp;fs=1" /><param name="allowfullscreen" value="true" /><embed type="application/x-shockwave-flash" width="425" height="344" src="http://www.youtube.com/v/wUZ9INM_llw&amp;color1=0xb1b1b1&amp;color2=0xcfcfcf&amp;hl=nl_NL&amp;feature=player_embedded&amp;fs=1" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true"></embed></object></p>
<h2>Mobiele functionaliteiten en content: onontkoombaar voor intranet anno 2010</h2>
<p>Zowel in het Global Intranet Trends-rapport als in het onderzoek van de Nielsen Norman Group (Jakob Nielsen) blijkt dat mobiel intranet ‘the next step’ is. NNGroup constateert dat 30% van de intranetten speciale mobiele functies biedt. Toch is NNGroup eerder teleurgesteld over dit aantal dan opgetogen:</p>
<blockquote><p>“In previous years, we might have heralded this as a big number, but now that mobile is the big trend on the open Web, our conclusion is the opposite: intranets appear to be lagging in mobile device support.”</p></blockquote>
<h2>De beste intranetten van 2010 volgens Jakob Nielsen</h2>
<p>Genoeg trends, nu! Over naar een ander soort lijstje, want lijstjes zijn leuk. Begin januari publiceerde intranetgoeroe Jakob Nielsen (Nielsen Norman Group) zijn jaarlijkse ranking van beste intranetten.</p>
<p>In alfabetische volgorde de winnaars en kort samengevat de reden daarvoor (<a href="http://www.intranetmonitor.nl/2010/01/de-tien-beste-intranetten-van-2010.html">met dank aan Intranetmonitor.nl voor de samenvatting</a>):</p>
<p><strong>Enbridge (Canada, energie)</strong></p>
<ul>
<li>Gepersonaliseerde content</li>
<li>Eén hoofdredacteur bewaakt de kwaliteit</li>
<li>Extra lichte versie voor mobiel en gebruik voor thuis</li>
</ul>
<p><strong>GE (VS, technologie, media, financiële dienstverlening)</strong></p>
<ul>
<li>Informeren van 300.000 werknemers in verschillende bedrijfstakken over de hele wereld</li>
<li>Heldere templates</li>
<li>Mogelijkheid voor werknemers om elkaar te beoordelen en op elkaar te reageren</li>
</ul>
<p><strong>Howard Hughes Medical Institute (VS, medisch onderzoek)</strong></p>
<ul>
<li>Het intranetteam werkte nauw samen met de medewerkers om zo goed mogelijk in de behoefte van de werknemers te voorzien</li>
<li>Gebruiksvriendelijk</li>
<li>Snelle toegang tot gepersonaliseerde intranetpagina’s</li>
</ul>
<p><strong>Huron Consulting Group (VS, consultancy)</strong></p>
<ul>
<li>Helder ontwerp</li>
<li>Gebruiksvriendelijke navigatie</li>
<li>Effectieve en betrouwbare zoekfunctie</li>
</ul>
<p><strong>Jet Propulsion Laboratory (JPL) (VS, regering, ruimtevaart)</strong></p>
<ul>
<li>Snelle toegang</li>
<li>Een uitgebreide zoekfunctie</li>
<li>Een iPhone app met toegang tot de basisinformatie</li>
</ul>
<p><strong>The MITRE Corporation (VS, nonprofit technologie)</strong></p>
<ul>
<li>Snelle zoekfunctie FastJump</li>
<li>Social tools zoals social bookmarking en een bedrijfswiki</li>
<li>Gebruikersvriendelijk</li>
</ul>
<p><strong>SCANA Corp. (VS, energiebedrijf)</strong></p>
<ul>
<li>Zonder budget creëerde het team toch een degelijk intranet</li>
<li>Interessante content</li>
<li>Heldere focus op de gebruiker</li>
</ul>
<p><strong>Trend Micro, Inc. (Japan, technologie)</strong></p>
<ul>
<li>Stimuleert gebruikers tot interactie</li>
<li>Social networking tools</li>
<li>Beloont medewerkers bij participatie</li>
</ul>
<p><strong>URS Corporation (VS, ingenieurs)</strong></p>
<ul>
<li>Vertrouwt op de feedback van gebruikers</li>
<li>Focus op mensen</li>
<li>Betrekt medewerkers bij de ontwikkeling en livegang van het intranet</li>
</ul>
<p><strong>Wal-Mart Stores, Inc. (VS, retail)</strong></p>
<ul>
<li>Social networking</li>
<li>Onderling netwerken en communiceren is hoofdfunctie (in plaats van het verstrekken van bedrijfsinformatie)</li>
<li>Stimuleert onderling contact</li>
</ul>
<p>Nielsen Norman Group’s “Intranet Design Annual 2010: The Year’s 10 Best Intranets” is op de Nielsen Norman Group website <a href="http://www.nngroup.com/reports/intranet/design">beschikbaar als download</a>. Kosten: $224.</p>
<h2>Serie over intranet: succesfactoren, killerfeatures, trends en ontwikkelingen</h2>
<p>Mijn collega’s Floor van Riet, Louise Nell en Bart Hilhorst (binnenkort kunt u getuige zijn van zijn debuut hier op Frankwatching) en ik werken regelmatig aan intranetopdrachten. We doen onderzoek naar de wensen en eisen van medewerkers en komen opvallende overeenkomsten tegen bij verschillende organisaties. We adviseren over de informatie- en nieuwsfunctie van intranet en zien generieke succesfactoren, toepasbaar op elk type organisatie. De komende tijd zullen we in een serie artikelen dieper ingaan op onderzoeken, trends, ontwikkelingen en absolute killerfeatures die we rond intranet tegenkomen.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.bugter.com/?feed=rss2&amp;p=213</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>&#8220;Het jaar waarin online communicatie de pioniersfase ontstijgt&#8221;</title>
		<link>http://www.bugter.com/?p=207</link>
		<comments>http://www.bugter.com/?p=207#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 31 Jan 2010 18:03:26 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Boudewijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[Frankwatching.com]]></category>
		<category><![CDATA[communicatieprofessionals]]></category>
		<category><![CDATA[communicatiestrategie]]></category>
		<category><![CDATA[internetadvies]]></category>
		<category><![CDATA[online communicatie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.bugter.com/?p=207</guid>
		<description><![CDATA[In een serie artikelen kijken we vooruit op 2010. Ditmaal doen we dat samen met Sabel Communicatie, één van de Frankwatchingpartners. Boudewijn Bugter vertelt over zijn verwachtingen voor het komende jaar, en bespreekt onder andere de strategische kracht van het online kanaal, de toenemende aandacht voor intranet en  de afname van het belang van e-mail. 
Verwachtingen [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft" src="http://www.sabelcommunicatie.nl/l/library/download/2536?" alt="logo frankwatching" width="127" height="25" />In een serie artikelen kijken we vooruit op 2010. Ditmaal doen we dat samen met <a href="http://www.sabelcommunicatie.nl/">Sabel Communicatie</a>, één van de Frankwatchingpartners. <a href="http://www.frankwatching.com/archive/author/boudewijn/">Boudewijn Bugter</a> vertelt over zijn verwachtingen voor het komende jaar, en bespreekt onder andere de strategische kracht van het online kanaal, de toenemende aandacht voor intranet en  de afname van het belang van e-mail.<span id="more-49220"><span id="more-207"></span></span> </p>
<h2>Verwachtingen voor de communicatiebranche in 2010</h2>
<p>“Ik verwacht een heleboel voor 2010. Steeds meer aandacht voor herkenningstechnologieën, rich internet applicaties (RIA), mobiel internet, location based services, de discussie over gratis versus betaalde content… Maar laat ik me concentreren op de meest basale verwachtingen, trends die voor communicatieprofessionals het dichtst bij staan.”</p>
<h3>1. Meer aandacht voor strategische kracht online kanaal</h3>
<p>“Hoewel wij internetprofessionals het graag anders zouden zien, staat online communicatie bij veel organisaties nog in de kinderschoenen. In een communicatieplan betekent een zin als ‘We zetten stevig in op online communicatie’ vaak niet meer dan: we maken een goede website, zetten een nieuwsbrief in en gaan ‘iets’ met social media doen. Een gedegen visie op het kanaal ligt daaraan zelden ten grondslag. En dat geldt ook voor de doelstellingen: die blijven hangen op vaagheden als ‘betrokkenheid creëren’ en andere onmeetbare kreten.”</p>
<h3><img class="alignleft" title="Boudewijn" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/01/Boudewijn.jpg" alt="Boudewijn" width="216" height="144" /></h3>
<p>“Gelukkig zie ik daarin een duidelijke kentering. Ik merk aan de vragen van onze klanten dat steeds meer organisaties zich bewust zijn van de kracht van een gedegen online visie, waarin duidelijk is geformuleerd welke rol het online kanaal heeft in het bereiken van de organisatie- en communicatiedoelen. Zij gaan daarmee aan de slag, en vertalen die visie vervolgens door naar ambities en doelstellingen, en natuurlijk naar een strategie om die doelen te bereiken. Zij zijn zich er bovendien óók van bewust, dat die strategie verder gaat dan alleen de verantwoordelijkheid van de communicatieafdeling of IT. Ze hebben ook andere afdelingen nodig, zoals (e-)dienstverlening, Burgerzaken, klantenservice, marketing, HRM – noem maar op.”</p>
<p>“Ik vind dat een gezonde, welkome ontwikkeling. In een gesprek met een scherpe vakgenoot, van de week, noemden we dat ‘de pioniersfase voorbij’. Wat overigens absoluut niet betekent dat organisaties niet meer mogen of kunnen experimenteren. Integendeel: ze moeten vooral blijven proberen om tools als Twitter en weet-ik-wat-ons-dit-jaar-te-wachten-staat te implementeren in hun (online) middelenmix. Maar daaraan moet telkens wel een gedegen, doordacht en voor alle activiteiten vastgesteld uitgangspunt ten grondslag liggen. Anders klooi je maar wat aan.”</p>
<h3>2. Meer aandacht voor intranet</h3>
<p>“Ik zie heel duidelijk dat intranet als onderwerp bij communicatieprofessionals enorm in de schijnwerpers staat. Het eerste grote intranetcongres, in maart vorig jaar, was met zo’n 500 bezoekers een groot succes. Dat verwacht ik dit jaar weer. Natuurlijk omdat onze partner Gerry McGovern keynote speaker is, maar vooral omdat de tweede grote trend die ik zie over intranet gaat.”</p>
<p><img class="alignright" title="werkplek1" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/05/werkplek1.jpg" alt="werkplek1" width="216" height="162" />“<a href="http://www.frankwatching.com/archive/2009/05/15/intranet-vs-personeelsblad-part-3-resultaten/">In het onderzoek van Sabel Communicatie naar de ideale middelenmix</a> – dat we dit jaar overigens gaan herhalen! – concludeerden we nog dat communicatieafdelingen zich vooral verantwoordelijk voelen voor de corporate informatie en de nieuwsvoorziening op hun intranet, en de rest laten liggen. Of dat onderzoek hen wakker heeft geschud, betwijfel ik. Maar wakker zijn ze: vanaf de zomer van 2009 zien we een significante toename in het aantal intranetgerelateerde vragen van onze klanten.”</p>
<p>“Ik verwacht dat die beweging doorzet. Gedreven door kostenbesparing, behoefte aan efficiency, het Nieuwe Werken – de aanleiding om in te zetten op intranet kan verschillen, maar het is en wordt steeds belangrijker in organisaties. En ook hier geldt dat organisaties inzien dat ze moeten werken vanuit een bredere visie op de rol van het online kanaal, in dit geval als business tool én communicatiemiddel. Dat ze ook hier, voordat ze écht aan de slag gaan, het proces doorlopen van het formuleren van een gedegen visie, het definiëren van scherpe ambities en het stellen van duidelijke doelen. En dat ze ook hier andere afdelingen bij nodig hebben.”</p>
<p>“Waar ik wel voor zou willen waarschuwen, is het gevaar de medewerker uit het oog te verliezen. Natuurlijk, vaak starten intranetprojecten met doelgroeponderzoek. Maar nog vaker krijgen de organisatiebelangen toch de overhand, terwijl het krachtiger is om de organisatiebelangen en de wensen van de medewerkers op elkaar af te stemmen. Door een intranet zo medewerker- en taakgericht mogelijk in te richten, kun je van hen meer tevreden gebruikers maken. En pak je vanzelf de organisatiedoelen mee. De gebruikerservaring staat voorop. En dat haakt dan weer mooi aan bij de volgende trend die ik zie: toenemend belang van usability en optimalisatie.”</p>
<h3>3. Meer nadruk op usability, optimalisatie en accountability van online communicatie</h3>
<p>“Gebruikerservaring en website-optimalisatie worden meer en meer kritieke prestatie-indicatoren (KPI) en kritieke succesfactoren voor efficiënte online communicatie en online dienstverlening. Als iets immers niet lekker werkt, ben je geen tevreden klant. En het is zó makkelijk om erop te sturen: je kunt supergoed meten, bijsturen en dan weer meten of het werkt.”</p>
<p>“Tegelijkertijd worden de usability-tests beter, toegankelijker én goedkoper. Het is daarmee voor bedrijven een kleine stap om hun product of online communicatiemiddel te testen en zo nodig te verbeteren.”</p>
<p>“Ten slotte is in het communicatievak ‘accountability’ al jaren een hot issue. Als er iets meetbaar is, dan is het online communicatie. Eén plus één is twee, denk ik dan. Maar ja, vertaal het maar eens. Zoals ik al eerder aangaf, blijft het vaak bij onmeetbare, vage doelen. Ik denk dat we daar in 2010 een slag in zullen slaan. Dat steeds meer organisaties gaan focussen op accountability, het doorvertalen van vage communicatiedoelen in meetbare webdoelstellingen, het opstellen van een stevig dashboard voor online communicatie en dan de cyclus starten van meten, optimaliseren, opnieuw meten, weer optimaliseren – enzovoorts.”</p>
<h3>4. Mobiel internet is onontkoombaar</h3>
<p><img class="alignleft" title="iphone" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2010/01/iphone-242x300.jpg" alt="iphone" width="175" height="216" />“Mobiel internet is in de afgelopen twee jaar explosief gegroeid: 30% van het alle internetgebruik in 2009 was mobiel, tegen 19% in 2007. (Bron: CBS, ICT-gebruik huishoudens en personen, 2007-2009) Ruim de helft van dat gebruik ging via de mobiele telefoon. Dat is toch fantastisch? En het gaat, door betere en snellere mobiele verbindingen, alleen maar harder stijgen.”</p>
<p>“Kortom, je kunt er als organisatie niet meer omheen je online dienstverlening aan klanten mobiel beschikbaar te maken. Je hoeft niet acuut vollédig mobiel beschikbaar te zijn, maar op z’n minst met je belangrijkste diensten of de informatie die onderweg relevant is voor je doelgroep.”</p>
<p>“Sinds enkele tijd zijn bovendien eenvoudig bruikbare diensten, zoals de app-store, steeds meer in opkomst. Ook de tools om deze diensten te maken worden steeds talrijker en beter. Gebruikers raken langzaam maar zeker gewend aan dergelijke diensten, en zullen er steeds hogere eisen aan stellen. Zij willen niet lastig gevallen worden met de techniek er omheen, maar verwachten gewoon bruikbaarheid.”</p>
<h3>5. Belang van e-mail neemt af</h3>
<p>“Voor 2010 verwacht ik dat het belang van e-mail steeds verder afneemt. In plaats daarvan zal zowel informeel als zakelijk contact steeds meer plaatsvinden via media als Google Wave, Twitter en LinkedIn. Daarmee zal de online samenwerking dus juist toenemen. E-mail wordt daarmee een formeler communicatiekanaal.”</p>
<p>“Dit zal ook gevolgen hebben voor de online nieuwsbrieven. Ik verwacht dat deze steeds meer een attenderende en samenvattende functie krijgen, en dat ze op deze manier de lezers betrekken bij wat er online gebeurt. Nieuwsbrieven met ‘losstaand nieuws’ zullen langzaam verdwijnen.”</p>
<h2>Verwachtingen voor 2010 voor Sabel Communicatie</h2>
<p>“Sabel Communicatie investeert al jaren stevig in kennisontwikkeling en innovatie op het gebied van online communicatie. We zijn verder dan veel collega-bureaus, dat durf ik echt te stellen. Op het gebied van webredactie en contentbeheer zijn we al jaren een van de betere bureaus, onze dochter, <a href="http://www.isabel.nl/">webbureau Isabel</a>, groeit in aantal opdrachten en in omvang als kool en ook op meer strategische online terreinen hebben we een grote groei doorgemaakt.”</p>
<p><img class="alignleft" title="sabel" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/06/sabel.jpg" alt="sabel" width="150" height="56" />“Onder druk van de economie en de markt zien we andere bureaus nu ook de gang naar online inzetten. Voor ons is het echter meer een kwestie van de beweging afmaken, en dat voelt heel comfortabel. We zijn zeker over wat we doen. En over wat we claimen te kunnen.”</p>
<p>“Daarom is 2010 voor ons ook het jaar om nóg verder te gaan, en weer nieuwe stappen te zetten. Op veel terreinen, maar vooral op het gebied van online communicatie. De komst van collega Folkert Reith stelt ons in staat om het in 2009 zeer succesvolle congres CommOnline in 2010 vanuit Sabel Communicatie te initiëren en samen met een grote groep partners wederom tot een succes te maken.”</p>
<p>“Daarnaast starten we met CommOnline Academy, waarmee we in korte, stevige kennisupdates strategische online thema’s verder uitdiepen. Ook dit doen we met een grote schare partners.”</p>
<p>“Ten slotte starten we in 2010 Sabel Internetadvies, waarin we onze activiteiten op het gebied van strategisch inter- en intranetadvies, doelgroeponderzoek (behoefte- en usability-onderzoek) en webanalyse en monitoring onderbrengen.”</p>
<p>“Kortom, het wordt voor Sabel Communicatie een spannend, maar fantastisch jaar – daar ben ik van overtuigd!”</p>
<p><!--</div>
<div style="clear: both; padding-top: 10px;" mce_style="clear: both; padding-top: 10px;" mce_tmp="1">Dit artikel is 748 keer gelezen.</div>
<div  mce_tmp="1">&#8211;></p>
<div id="comment-form">
<form id="commentform" action="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-comments-post.php" enctype="application/x-www-form-urlencoded" method="post"> </form>
</div>
<p><!-- end .grid_10 #content --></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.bugter.com/?feed=rss2&amp;p=207</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Wanneer is Twitter werkelijk effectief?</title>
		<link>http://www.bugter.com/?p=202</link>
		<comments>http://www.bugter.com/?p=202#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 03 Nov 2009 09:34:04 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Boudewijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[CommunicatieOnline]]></category>
		<category><![CDATA[communicatiestrategie]]></category>
		<category><![CDATA[internetadvies]]></category>
		<category><![CDATA[online communicatie]]></category>
		<category><![CDATA[online PR]]></category>
		<category><![CDATA[online reputatiemanagement]]></category>
		<category><![CDATA[social media]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.bugter.com/?p=202</guid>
		<description><![CDATA[Als er het afgelopen jaar één online ontwikkeling overspannen verwachtingen heeft gewekt bij communicatieprofessionals, dan is het Twitter wel: als hongerige leeuwen storten we ons er op. Want we hebben allemaal het idee dat ‘het op Twitter gebeurt’. Maar is dat wel zo? De ‘Ultimate Twitter Study’ geeft alvast wat aanknopingspunten. 
Tegenstelling: onderzoeken nuanceren belang Twitter, [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft" src="http://www.sabelcommunicatie.nl/l/library/download/5678?" alt="communicatie-online" width="121" height="31" />Als er het afgelopen jaar één online ontwikkeling overspannen verwachtingen heeft gewekt bij communicatieprofessionals, dan is het Twitter wel: als hongerige leeuwen storten we ons er op. Want we hebben allemaal het idee dat ‘het op Twitter gebeurt’. Maar is dat wel zo? De ‘Ultimate Twitter Study’ geeft alvast wat aanknopingspunten. <span id="more-202"></span></p>
<p><strong>Tegenstelling: onderzoeken nuanceren belang Twitter, gebruik laat anders zien<br />
</strong>Onderzoeksbureau InSites Consulting constateerde dat de onderzoeken die het effect en de noodzaak van participatie in Twitter nuanceren zich opstapelen. Maar dat er tegelijkertijd dagelijks 20 miljoen ‘tweets’ worden geplaatst. (Wereldwijd, dat wel.) Evengoed mengen steeds meer merken zich onder de Twitteraars. Doen ze daar verstandig aan?, vroeg Insites zich af. En initieerde onderzoek naar de Twitter-gebruikers en publiceerde de resultaten op Frankwatching.com.</p>
<p><strong>Onderzoeksopzet ‘Ultimate Twitter Study’ </strong></p>
<p>Het volledig ‘Fusion’-onderzoek, waarvan je de resultaten in realtime kon volgen, bestond uit drie delen waarin alle mogelijkheden om marktonderzoek te voeren op Twitter samenkwamen:</p>
<ul>
<li><strong>Gesprekken met gebruikers van het sociale mediaplatform </strong>aan de hand van hun antwoorden op de tweet/vraag van de dag (gedurende 2 weken) en 10 diepgaande ‘twinterviews’ (bestaand uit 15 tweets/vragen) via het ‘direct messaging’-systeem van het platform.</li>
<li>Een <strong>kwantitatief profielonderzoek </strong>onder de volgers van het Twitteraccount dat voor dit onderzoek aangemaakt was, en onder de vrienden van deze volgers.</li>
<li>Een <strong>observatie </strong>van wat de volgers op Twitter delen om de bevindingen te verrijken. In totaal werden meer dan 52.000 tweets verzameld. Ten slotte werden de resultaten van het onderzoek besproken met enkele experts via een <strong>online discussiegroep</strong>.</li>
</ul>
<p>In totaal deden 620 Twitteraars uit verschillende landen mee aan het onderzoek, die gemiddeld 17 berichten (’tweets’) per dag versturen en gemiddeld al 14 maanden actief zijn op Twitter.</p>
<p><strong>Samenvatting van de belangrijkste onderzoeksresultaten</strong><br />
Enkele van de belangrijkste bevindingen van het onderzoek:</p>
<ul>
<li>De typische Twitter-gebruiker blijkt een man te zijn in zijn late twintigerjaren/vroege dertigerjaren, die goed mee is op het vlak van techniek en actief is in de IT-, media-/reclame- of consultingsector</li>
<li>De door de gebruiker gegenereerde definitie van Twitter luidt als volgt: “Een sociaal netwerk van vrienden en/of zakelijke contacten waar men interessante, boeiende, bezielende of grappige weetjes/links op een supersnelle manier kan delen en ontdekken.”</li>
<li>Ook blijkt dat de mensen op Twitter op één of andere manier ook invloedrijk zijn in de offline wereld (experts binnen een sector, journalisten, bloggers, beroemdheden…)</li>
<li>De meeste mensen begonnen Twitter te gebruiken uit nieuwsgierigheid en om in contact te blijven met mensen en trends binnen hun sector</li>
<li>Mensen beginnen andere mensen te volgen die hun nieuwsgierig maken, hen aan het lachen kunnen brengen en/of verbazen</li>
<li>Merken op Twitter zouden zich als mensen moeten voordoen: aandachtig luisteren en op een bijzonder persoonlijke manier reageren in plaats van hen voortdurend te spammen met reclame</li>
<li>Twitter is het nieuwe deelplatform: 20% van alle tweets bevat een link naar een blog, website of film</li>
<li>Google, Apple en Amazon zijn de meest besproken merken op Twitter, gevolgd door een mengeling van technologische bedrijven en sterke internationale merken zoals Starbucks, Disney en HP</li>
<li>Mensen stellen daadwerkelijk vragen aan merken in de hoop dat deze zullen luisteren en antwoorden.</li>
</ul>
<p><strong>Wat zeggen de onderzoekers over de resultaten?</strong><br />
Tom De Ruyck, Senior ForwaR&amp;D Lab Consultant bij InSites Consulting:</p>
<blockquote><p>“Twitter is een gesprekscentrum, en het zou voor merken erg inzichtelijk zijn om dit platform aan te boren en eruit te leren wat klanten over hen vertellen. Ten tweede tweeten mensen in the heat of the moment: wanneer ze iets positiefs of negatiefs in verband met je product ervaren. (&#8230;) Het is een bedreiging (negatieve commentaren over je merk worden openbaar gemaakt), maar eveneens een kans voor de klantendienst om onmiddellijk in actie te komen en de klanten opnieuw tevreden te stellen. En dat zullen zij dan waarschijnlijk ook doorvertellen.”</p></blockquote>
<p><strong>Twitter geeft inzicht in mening klanten, maar let op: één soort klant!</strong><br />
Interessante inzichten geeft het onderzoek wel, vooral als het op de doelgroep aankomt. Want voor hoeveel van de organisaties die zich de afgelopen maanden hals over kop op Twitter hebben gestort, is <strong>‘de eind twintiger/begin dertiger, die werkt in de IT, media of communicatie’ </strong>de belangrijkste stakeholdergroep?</p>
<p>Het gevaar bestaat dat we hier allemaal, net als twee jaar geleden rond Second Life (&#8221;Herinnert u zich deze nog nog nog nog?&#8221;), ongefundeerd duizenden euro’s of manuren in het medium pompen. Zonder noemenswaardig effect, omdat blijkt dat onze primaire doelgroep toch nog gewoon de krant leest in plaats van Twittert.</p>
<p>Let wel, mijn pleidooi is absoluut niet om Twitter links te laten liggen. Wat ik wil zeggen is overschat het niet! Zoals met alles: onderzoek éérst of je primaire doelgroep op Twitter actief is, doe een grondige analyse van de twitteraars en beoordeel dán of het zinvol is om te gaan twitteren. Alleen dan bereik je werkelijk effect.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.bugter.com/?feed=rss2&amp;p=202</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Online jaarverslag Deloitte: duurzaam en doelgroepgericht</title>
		<link>http://www.bugter.com/?p=195</link>
		<comments>http://www.bugter.com/?p=195#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 02 Nov 2009 07:00:11 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Boudewijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[Frankwatching.com]]></category>
		<category><![CDATA[internetadvies]]></category>
		<category><![CDATA[online communicatie]]></category>
		<category><![CDATA[online jaarverslag]]></category>
		<category><![CDATA[webcommunicatie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.bugter.com/?p=195</guid>
		<description><![CDATA[Na alle artikelen over online jaarverslagen is het duidelijk: de goede voorbeelden stapelen zich op. Een van die voorbeelden licht ik hier uit: Deloitte Nederland bundelt in het online jaarverslag over 2008 het jaarverslag, de jaarrekening en het duurzaamheidsverslag. En besteedt doelgroepgericht aandacht aan de beleving van bezoekers.
Een mooi uitgangspunt: noodzaak, toelichting en trots
Geert-Jan Grimberg [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft" src="http://www.sabelcommunicatie.nl/l/library/download/2536?" alt="logo frankwatching" width="127" height="25" />Na alle artikelen over online jaarverslagen is het duidelijk: de goede voorbeelden stapelen zich op. Een van die voorbeelden licht ik hier uit: Deloitte Nederland bundelt in het online jaarverslag over 2008 het jaarverslag, de jaarrekening en het duurzaamheidsverslag. En besteedt doelgroepgericht aandacht aan de beleving van bezoekers.<img title="Meer..." src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-includes/js/tinymce/plugins/wordpress/img/trans.gif" alt="" /><span id="more-195"></span></p>
<p><strong>Een mooi uitgangspunt: noodzaak, toelichting en trots</strong></p>
<p><a href="http://www.frankwatching.com/archive/author/geertjan2/">Geert-Jan Grimberg</a> van Jungle Minds publiceerde een artikel waarin hij – ingefluisterd door zijn collega <a href="http://www.frankwatching.com/archive/author/joost/">Joost Steins Bisschop</a> – het jaarverslag als middel (dus on- én offline) van drie mooie grondslagen voorzag: Noodzaak, Toelichting en Trots.</p>
<ul>
<li><strong>Noodzaak</strong>:<strong> </strong>een jaarverslag is een noodzakelijk middel: met een verslag voldoet een onderneming aan de wettelijke vereisten, door inzicht te geven in cijfers en door daar een verantwoording bij te geven<em> </em></li>
<li><strong>Toelichting</strong>: met een jaarverslag geeft een organisatie uitleg, een verklaring of duiding aan haar handelen.<em> </em></li>
<li><strong>Trots</strong>: met een jaarverslag vertelt de organisatie over het bedrijf, de mensen, de producten – kortom, doet een organisatie aan corporate branding.</li>
</ul>
<p><strong>Concreet voorbeeld: Deloitte Nederland Annual Report 2008/2009</strong></p>
<p>Langs de meetlat die Geert-Jan schetst, leg ik in dit artikel het online jaarverslag van Deloitte Nederland. In hoeverre voldoet het aan deze drie grondslagen? Maar ik ga uiteraard ook in op <em>lessons learned</em> en keuzes in inrichting. Hoe heeft Deloitte er bijvoorbeeld voor gezorgd dat het een doelgroepgericht verslag werd?</p>
<p style="text-align: center;"><img class="aligncenter" title="Homepage" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/10/Homepage.png" alt="Homepage" width="500" height="309" /></p>
<p><strong> </strong></p>
<p><strong>Concept: duurzame mediamix voor jaarrekening, jaarverslag &amp; duurzaamheidsverslag</strong></p>
<p>Eerste een korte toelichting op het concept. Deloitte koos nadrukkelijk voor een duurzame mediamix: in een beperkte oplage werd het jaarverslag gedrukt, maar de nadruk lag op de online versie. Verder is het jaarverslag opgezet met – daar lijkt het in elk geval op – de drie functies zoals Geert-Jan ze beschrijft in het achterhoofd. Het bevat aanvullende informatie over klanten, het bedrijf en dergelijke. Dat zou je onder Trots kunnen scharen. Maar belangrijk is ook dat er aandacht is besteed aan <em>features</em> die de vindbaarheid en de beleving van de bezoeker versterken. En dat past zeker onder deze functie. Verder is er uiteraard ruime aandacht voor de cijfers (daarover hieronder meer): Noodzaak. En geeft het verslag duiding over de activiteiten van het bedrijf. Dus ook met de Toelichting zit het wel goed.</p>
<p><strong>Realisatieproces: geïntegreerd en gericht op draagvlak, betrokkenheid en eenheid</strong></p>
<p>Deloitte koos er bewust voor om de realisatie van zowel het online als het offline deel van de mediamix door één partij te laten coördineren. Op die manier ontstonden er geen problemen met versiebeheer en konden tijdens het proces efficiencyvoordelen worden behaald.</p>
<p><img class="alignleft" title="Papieren-verslag" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/10/Papieren-verslag.png" alt="Papieren-verslag" width="116" height="152" />Deloitte is van meet af aan met alle betrokkenen rond de tafel gegaan; vanaf het begin was het een geïntegreerde aanpak. En is dus niet – zoals ‘traditioneel’ vaak de aanpak is in dit soort projecten – eerst begonnen een tekst te schrijven, waarna het proces van accorderen en corrigeren start. Vaak wordt er pas over de wijze van publiceren nagedacht wanneer dit proces achter de rug is (of in elk geval pas gaandeweg dat proces). Doordat Deloitte dit proces geïntegreerd aanvloog, ontstond intern draagvlak voor het concept en wist iedereen wat van hem werd verwacht.</p>
<p style="text-align: left;">Deze aanpak deed ook wonderen voor de eenheid in de mediamix. De vormgever was verantwoordelijk voor zowel de offline als de online vormgeving en de tekstschrijver werd al in een vroeg stadium gebrieft over de wijze waarop de tekst online gepresenteerd zou worden. Dit laatste resulteerde in een meer ‘chunky’ en op het web gerichte schrijfstijl.</p>
<p><strong>Gebruiksgemak door toepassing facetnavigatie, zoekstructuur en ‘winkelmand’</strong></p>
<p>Om de informatie in het online jaarverslag makkelijker te ontsluiten, koos Deloitte voor facetnavigatie. Deze techniek, die veel toegepast wordt bij webwinkels en dergelijke, wordt steeds vaker toegepast in online jaarverslagen. Bezoekers selecteren trefwoorden en kunnen vervolgens hun zoekresultaten verder verfijnen zodat ze snel de informatie vinden die het meeste aansluit bij hun behoefte.</p>
<p style="text-align: center;" align="center"><img class="aligncenter" title="Facetnavigatie" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/10/Facetnavigatie.png" alt="Facetnavigatie" width="167" height="618" /></p>
<p>Deloitte koos hiervoor, omdat bezoekers geen integraal verslag op een beeldscherm willen lezen. Ze zoeken een antwoord op hun vraag en willen dat zo snel mogelijk vinden. Daarbij maakt het hen – in het geval van Deloitte – eigenlijk niets uit in welk verslag (jaarrekening, jaarverslag of duurzaamheidsverslag) de informatie staat. Het is dan ook mogelijk om tegelijk te zoeken in meerdere verslagen of in één specifiek verslag.</p>
<p style="text-align: left;"><img class="aligncenter" title="Zoekstructuur" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/10/Zoekstructuur.png" alt="Zoekstructuur" width="515" height="315" />Voor bezoekers die toch geïnteresseerd zijn in de integrale versie van een verslag wordt op elke pagina een link naar de PDF-versie aangeboden. Bovendien biedt het online jaarverslag de mogelijkheid om zelf een persoonlijk PDF-jaarverslag samen te stellen van de online informatie.</p>
<p style="text-align: center;"><img class="aligncenter" title="Opties-om-zelf-jaarverslag-" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/10/Opties-om-zelf-jaarverslag-.png" alt="Opties-om-zelf-jaarverslag-" width="522" height="129" /></p>
<p><strong> </strong></p>
<p><strong>Toekomstbestendig: ontwikkelen nieuwe jaarverslagen heel eenvoudig</strong></p>
<p>Bijkomend voordeel van de aanpak die Deloitte koos, is dat nieuwe jaarverslagen eenvoudig aan de website kunnen worden toegevoegd. De bestaande indeling van de informatie kan immers grotendeels worden gehandhaafd. Hierdoor bespaart Deloitte aanzienlijk en kunnen bezoekers eenvoudig vergelijkingen maken tussen verschillende jaargangen.</p>
<p><strong>Branding: beleving van het jaarverslag door special features</strong></p>
<p>Om de bezoekersbeleving te versterken, integreerde Deloitte verschillende interactieve elementen. Het meest opvallend is de videocarrousel  op de homepage. Hierin komen de bestuursleden van Deloitte Nederland aan het woord.</p>
<p style="text-align: center;"><img class="aligncenter" title="filmpjeDassen" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/10/filmpjeDassen.png" alt="filmpjeDassen" width="443" height="296" /></p>
<p>Daarnaast worden de financiële kerngegevens van Deloitte ook weergeven in een dynamische grafiekgenerator. Bezoekers kunnen daarmee zelf vergelijkingen maken en verschillende weergaves van de informatie creëren.</p>
<p style="text-align: left;"><img class="aligncenter" title="Chartgenerator" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/10/Chartgenerator.png" alt="Chartgenerator" width="677" height="681" />Een andere feature die Deloitte toepast, is speciaal voor de financieel meer onderlegde en geïnteresseerde doelgroep: de jaarrekening bevat uitsluitend (waar mogelijk) interactieve HTML-tabellen. ‘Interactief’ betekent hier dat bezoekers kunnen doorklikken naar notes en dat ze <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/XBRL">XBRL-data</a> kunnen oproepen.</p>
<p><strong>Waarom vind ik dit een mooie case?</strong></p>
<p>Het online jaarverslag van Deloitte biedt voor elk wat wils: financiële professionals, potentiële werknemers en andere geïnteresseerden vinden er informatie over het bedrijf en haar prestaties. Interviews met klanten (NS, MetrixLab, gemeente Rotterdam en Philips) geven weer hoe Deloitte toegevoegde waarde levert. En doordat in de filmpjes van de leden van de Raad van Bestuur vertellen hoe de onderneming in een jaar omgaat met haar mensen kunnen ook toekomstige collega’s een goed beeld krijgen.</p>
<p><strong>Verbeterpunt: uitstraling – maak steviger gebruik van film en animatie!</strong></p>
<p>Natuurlijk zijn er ook wel wat verbeterpuntjes. Over de inhoud heb ik dan nog niet eens echt een oordeel – ik heb het vooral over de uitstraling. De vormgeving van de site is best aantrekkelijk, maar wel erg sober. En ik vind de filmpjes eerlijk gezegd niet zo geslaagd. Los van de inhoud, vind ik dat de ‘uitgeknipte’ hoofden van de bestuurders een beetje kil overkomen. Dat had, door beter te zoeken naar interessantere onderwerpen, aantrekkelijk umfeld en een meer journalistieke benadering, steviger gekund. In plaats van een (geslaagde, dat wel) groepsfoto met een lap tekst eronder had Deloitte ook de testimonials van de klanten kunnen ondersteunen door hen op camera te zetten. Daardoor was het branding-effect denk ik groter geweest.</p>
<p>Ter vergelijking: <a href="http://jaaroverzicht.gbo.overheid.nl">GBO.Overheid</a> koos ervoor om filmpjes te gebruiken waarbij de geïnterviewden (in het voorbeeld hieronder is dat staatssecretaris Ank Bijleveld-Schouten) in een omgeving staan die bij het onderwerp paste. Tegen dat decor vertellen ze in interviewvorm (!) hun verhaal. De filmpjes worden dan iets langer (hoewel dat natuurlijk niet hoeft) en dat past waarschijnlijk niet helemaal in het concept van het jaarverslag van Deloitte. Toch is elk filmpje daardoor een stuk krachtiger.</p>
<p style="text-align: center;"><img class="aligncenter" title="GBO-bijleveld" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/10/GBO-bijleveld.png" alt="GBO-bijleveld" width="420" height="250" /></p>
<p>Niettemin vind ik, door de wijze waarop het jaarverslag in elkaar zit en de bovengenoemde extra features, wel dat Deloitte een geslaagd concept heeft gelanceerd.</p>
<p><strong> </strong></p>
<p><strong> </strong></p>
<p><strong>Bekijk het online jaarverslag van Deloitte</strong></p>
<p><a href="http://www.deloitteannualreport.nl/">http://www.deloitteannualreport.nl</a></p>
<p><a href="http://www.deloitte.nl/">http://www.deloitte.nl</a></p>
<p><strong>Meer artikelen over online jaarverslagen</strong><strong> </strong><strong>op Frankwatching:</strong></p>
<p><a href="../../tags/online-jaarverslag/">http://www.frankwatching.com/tags/online-jaarverslag/</a></p>
<p><strong><em>Disclaimer</em></strong></p>
<p><em>Deze case werd mij op mijn verzoek ter beschikking gesteld door <a href="http://www.deloitte.com/view/nl_NL/nl/index.htm">Deloitte Nederland</a></em> <em>en het bedrijf dat het on- én offline jaarverslag realiseerde: <a href="http://www.facetbase.com">Facetbase</a></em> <em>. Voor de volledigheid: mijn bureau, <a href="http://www.sabelcommunicatie.nl">Sabel Communicatie</a></em> <em>, heeft in dit project geen enkele rol gespeeld. Wel zijn Facetbase en Sabel Communicatie strategische partners op het gebied van online jaarverslagen, online jaarplannen en online kwartaal- of halfjaarrapportages.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.bugter.com/?feed=rss2&amp;p=195</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Waarom u dit jaar een online jaarverslag moet ontwikkelen</title>
		<link>http://www.bugter.com/?p=50</link>
		<comments>http://www.bugter.com/?p=50#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 26 Aug 2009 15:26:34 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Boudewijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[CommunicatieOnline]]></category>
		<category><![CDATA[internetadvies]]></category>
		<category><![CDATA[klantgerichte websites]]></category>
		<category><![CDATA[online jaarverslag]]></category>
		<category><![CDATA[webcommunicatie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.bugter.com/?p=50</guid>
		<description><![CDATA[
Je zou het niet zeggen als je naar buiten kijkt, maar het jaarverslagenseizoen staat alweer voor de deur. Hoe gaat u het volgende jaarslag invullen? Kiest u voor papier of gaat u mee in de vaart der volkeren en wordt het een online verslag? De voordelen van online jaarverslagen op een rij.
Waarom een artikel over [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft" src="http://www.sabelcommunicatie.nl/l/library/download/5678?" alt="communicatie-online" width="121" height="31" /></p>
<p>Je zou het niet zeggen als je naar buiten kijkt, maar het jaarverslagenseizoen staat alweer voor de deur. Hoe gaat u het volgende jaarslag invullen? Kiest u voor papier of gaat u mee in de vaart der volkeren en wordt het een online verslag? De voordelen van online jaarverslagen op een rij.<span id="more-50"></span></p>
<p><strong>Waarom een artikel over online jaarverslagen in augustus?</strong><br />
Of het nou gaat om een financieel, sociaal, MVO- of OR-jaarverslag, het ontwikkelen van een origineel jaarverslag is elk jaar weer een uitdaging. Nog afgezien van het creatieve concept en de invulling van het verslag, staat u voor de keuze voor een papieren verslag, een pdf, een interactieve pdf en een volledig online verslag. Maar eigenlijk is uw keuze ook wel weer beperkt. Want ook al is een jaarverslag een vrij traditioneel middel, om mee te komen in de vaart der volkeren kunt u eigenlijk niet meer aankomen met (alleen) een papieren verslag. En het ontwikkelen van een online jaarverslag is door alle extra mogelijkheden best een klus, zeker als u het niet gewend bent. Dus begint u het beste vroeg met de voorbereidingen. Het liefst al in september, maar mijn advies: begin uiterlijk eind oktober.</p>
<p>Dat gezegd hebbende… snel over naar de voordelen van het online jaarverslag:</p>
<p><strong>Veel meer gericht op behoeften ontvanger</strong><br />
Een online jaarverslag is veel minder zendergericht en veel meer ingericht op de informatiebehoefte van de ontvanger. De informatie op een website, en dus ook op een online jaarverslag wordt veel minder lineair gelezen, dus zullen organisaties en ondernemingen zich meer bewust moeten zijn van die behoeften.</p>
<p><strong>Meer verschillende contenttypen en daardoor meer mogelijkheden</strong><br />
Doordat je online met veel meer verschillende contenttypen (tekst, beeld, infographics, video) kan werken, biedt dat ook meer mogelijkheden. Bijvoorbeeld om de menselijke maat in beeld te brengen. Op papier doen we dat met fotografie en goed, inlevend geschreven interviews. Online kan video een veel directer effect sorteren.</p>
<p><strong>Meer mogelijkheden voor interactie</strong><br />
Een belangrijk voordeel is ook, dat een online jaarverslag mogelijkheden biedt voor (meer) interactie. Ik heb het nog niet veel gezien, maar je kunt er natuurlijk op wachten dat de verschillende features uit het scala van social media in de volgende generatie online jaarverslagen hun plek vinden. En terecht. Zo kunnen stakeholders nóg directer hun vragen beantwoord krijgen.</p>
<p><strong>Inzicht in meest gelezen onderdelen, in belang dat stakeholders hechten</strong><br />
De aloude vraag ‘hoeveel mensen lezen zo’n jaarverslag nou eigenlijk’, is niet langer zo moeilijk te beantwoorden. Alles wat online staat, is meetbaar. Dus ook het online jaarverslag. Je kunt precies zien wat het meest gelezen wordt, en welke onderwerpen kennelijk het meest belangrijk worden gevonden. Waardevolle input voor verdere communicatie met stakeholders, al dan niet opnieuw in een (online) jaarverslag. Bovendien kun je zelfs targetten, want je kunt ook (ongeveer) zien wie wat leest.</p>
<p><strong>Beter vindbaarheid van uw organisatie</strong><br />
Vaak is een online jaarverslag een extra website, náást (of als onderdeel van) uw corporate website. Dat betekent dat het goede effecten kan hebben op de vindbaarheid van uw organisatie.</p>
<p><strong>Door uitsparen druk- en distributiekosten goedkoper dan papieren jaarverslag</strong><br />
Natuurlijk is het een beetje afhankelijk van de keuzes die u maakt en de leveranciers die u al dan niet inschakelt, maar in principe is een online jaarverslag goedkoper dan een papieren jaarverslag. U spaart druk- en vooral distributiekosten uit. Traditioneel zijn dit hoge posten, die drukken op het budget.</p>
<p><strong>Duurzamer dan papier</strong><br />
Ten slotte is een online jaarverslag (min of meer in het verlengde van het vorige punt) ook veel duurzamer dan een papieren jaarverslag.</p>
<p><strong>Kortom: kies voor een online jaarverslag!</strong><br />
Natuurlijk, een papieren jaarverslag heeft ook zo z’n charme (en wat voordelen). Zo heb je echt iets (blijvends) in handen, biedt het stakeholders ook wel een béétje gemak (je kunt het hen gewoon toesturen, zodat ze er niet zelf voor naar een website hoeven te komen), kan een mooi jaarverslag als koffietafelboek dienen en kun je jezelf op allerlei plekken fysiek laten zien.</p>
<p>Toch weegt dat wat mij betreft niet op tegen de evidente voordelen van het ontwikkelen van een online variant. Daarom doe ik hierbij de oproep aan iedereen die nog twijfelt: kies voor een online jaarverslag!</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.bugter.com/?feed=rss2&amp;p=50</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Spaar bomen en budget met een online jaarverslag</title>
		<link>http://www.bugter.com/?p=63</link>
		<comments>http://www.bugter.com/?p=63#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 07 Aug 2009 16:44:27 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Boudewijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[Frankwatching.com]]></category>
		<category><![CDATA[internetadvies]]></category>
		<category><![CDATA[online communicatie]]></category>
		<category><![CDATA[online jaarverslag]]></category>
		<category><![CDATA[webcommunicatie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.bugter.com/?p=63</guid>
		<description><![CDATA[Je zou het niet zeggen als je naar buiten kijkt, maar het jaarverslagenseizoen staat alweer voor de deur. Hoe ga jij het volgende jaarslag invullen? Kies je voor papier of ga je mee in de vaart der volkeren en wordt het een online verslag? In dit artikel een overzicht van de ontwikkelingen tot nu toe [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft" src="http://www.sabelcommunicatie.nl/l/library/download/2536?" alt="logo frankwatching" width="127" height="25" />Je zou het niet zeggen als je naar buiten kijkt, maar het jaarverslagenseizoen staat alweer voor de deur. Hoe ga jij het volgende jaarslag invullen? Kies je voor papier of ga je mee in de vaart der volkeren en wordt het een online verslag? In dit artikel een overzicht van de ontwikkelingen tot nu toe en de voordelen van online jaarverslagen op een rij.<span id="more-63"></span></p>
<h3>Waarom een artikel over online jaarverslagen in augustus?</h3>
<p>Het ontwikkelen van een origineel jaarverslag is elk jaar weer een uitdaging. Nog afgezien van het creatieve concept en de invulling van het verslag, sta je voor de keuze voor een papieren verslag, een pdf, een interactieve pdf en een volledig online verslag. Maar eigenlijk is de keuze ook wel weer beperkt. Want ook al is een jaarverslag een vrij traditioneel middel, om mee te komen in de vaart der volkeren kun je eigenlijk niet meer aankomen met (alleen) een papieren verslag. En dat is door alle extra mogelijkheden best een klus, zeker als je het niet gewend bent. Dus begin je het beste vroeg met de voorbereidingen. Het liefst al in september, maar mijn advies: begin uiterlijk eind oktober.</p>
<p>Daarom dit artikel, dat het eerste is in een serie die je beoogt te helpen met het ontwikkelen van een online jaarverslag. Waarbij je overigens voor het woord ‘jaarverslag’ alle mogelijke varianten kan lezen: MVO-jaarverslag, sociaal jaarverslag, financieel jaarverslag, duurzaamheidsverslag – <em>you name it</em>.</p>
<h3>FD in 2004: “Een fundamentele verandering in de jaarverslaggeving”</h3>
<p>Het is best grappig om eerst even terug te kijken, en stil te staan bij waar we vandaan komen. Ter illustratie: in juni 2004 (en dat is écht nog maar vijf jaar geleden!) voorspelde <a title="Gaat naar de website van het FD" href="http://www.fd.nl/" target="_blank">Het Financieele Dagblad</a> een ommekeer in de jaarverslaggeving zoals we die tot dan kenden. Het internet, stelt het FD, zal het jaarverslag grondig veranderen:</p>
<blockquote><p>“Het jaarverslag zoals we dat nu kennen, zal steeds vaker in het archief belanden. (…) Hoe meer voorschriften de overheid stelt aan de informatie die beschikbaar moet zijn, hoe minder ruimte er is voor eigen keuze. Bedrijven zullen de neiging krijgen om alles wat de overheid voorschrijft in het archief te stoppen. Hierdoor zal er financiële ruimte ontstaan voor het eigen communicatiebeleid. (…) In het huidige internettijdperk draait alles om actualiteit, de bezoeker wil actuele informatie. Vandaar dat bedrijven zullen komen met een ‘actuele, superflexibele communicatie-infrastructuur’. Geen communicatiemiddel, maar een organisatie-eigen communicatiemodel dat alle mogelijkheden optimaliseert” (bron: <a href="http://www.communicatieonline.nl/nieuws/bericht/internet-verandert-jaarverslag/" target="_blank">CommunicatieOnline</a>)</p></blockquote>
<p>Met de kennis van nu lijkt deze voorspelling nauwelijks visionair. Maar dat was het in die tijd kennelijk toch wel: wie Googlet op ‘<a href="http://www.google.nl/search?q=jaarverslag+2004" target="_blank">Jaarverslag 2004</a>’ komt in de eerste 10 resultaten weinig online jaarverslagen tegen:</p>
<p style="text-align: center;"><img title="Googleresultaten Jaarverslag 2004" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/08/Googleresultaten-Jaarverslag-2004.PNG" alt="Googleresultaten Jaarverslag 2004" width="604" height="528" /></p>
<h3>Evolutie jaarverslag: papier &gt; pdf &gt; dynamisch jaarverslag &gt; volledig online</h3>
<p>Toch heeft het FD natuurlijk wel gelijk gekregen: de afgelopen jaren heeft internet de wereld blijvend veranderd. Maar dat ging niet in alle verschijningsvormen met dezelfde ‘Storm und Drang’. Gingen de ontwikkelingen op het gebied van corporate websites razendsnel, de jaarverslaggeving bleef daar toch een beetje bij achter.</p>
<p>Op het spoor naar het volledig online jaarverslag waren de pdf en vervolgens het ‘dynamische jaarverslag’ (jeetje, ingescande pagina’s met een heuse navigatie!) tussenstations. Tussenstations, overigens, waar nog altijd (veel) organisaties wikkend en wegend, treuzelend en dralend staan te twijfelen of ze op de voortdenderende trein van de ontwikkelingen durven springen.</p>
<h3>Groei aantal online jaarverslagen zet nu door</h3>
<p>Maar goed, zoals met alle internetgedreven ontwikkelingen zit ook hier de vaart er inmiddels in. Gelukkig kiezen elk jaar meer organisaties ervoor om een online jaarverslag te maken. Soms náást, maar steeds vaker zelfs in plaats van een papieren versie. En dat zijn echt niet alleen grote financiële instellingen als de <a href="http://www.jaarverslagenrabobank.nl/" target="_blank">Rabobank Groep</a> en <a href="http://www.annualreport2008eureko.net/" target="_blank">Eureko</a> (moederconcern van Achmea). Charitatieve instellingen als <a href="http://www.jaarverslagoxfamnovib.nl/default.aspx" target="_blank">OxfamNovib</a> en <a href="http://jaarverslag.amnesty.nl/" target="_blank">Amnesty International</a> kozen ook al voor een digitale variant. Overheidsinstellingen als <a href="http://jaaroverzicht.gbo.overheid.nl/">GBO.Overheid</a> kiezen er voor. En de rijksoverheid bracht ook haar <a href="http://www.sociaaljaarverslagrijk.nl/" target="_blank">sociaal jaarverslag</a> online uit.</p>
<p style="text-align: center;"><img title="jaaroverzicht gbo" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/08/jaaroverzicht-gbo.PNG" alt="Jaaroverzicht GBO.Overheid: homepage" width="613" height="442" /></p>
<h3>Ontwikkeling gaat óók door: nieuwe functionaliteiten</h3>
<p>Kortom, het <a href="http://www.frankwatching.com/archive/2008/08/05/de-inhaalslag-van-het-online-jaarverslag/" target="_blank">online jaarverslag is bezig met een inhaalslag</a>. Dat schreef ook <a href="http://www.frankwatching.com/archive/author/geertjan2/" target="_blank">Geert-Jan Grimbergen</a> van Jungle Minds, eergisteren precies een jaar geleden, in een artikel op Frankwatching met die titel. “Eindelijk dringt het besef door dat de mogelijkheden van internet het uitgangspunt moeten zijn bij het maken van een online jaarverslag en niet print”, verzucht hij. Even verderop schrijft hij bovendien:</p>
<blockquote><p>“Sinds een jaar of vijf publiceren steeds meer bedrijven hun jaarverslag als aparte website; het HTML jaarverslag. Grote voordeel van een HTML jaarverslag is dat het gedrukte jaarverslag niet meer leidend hoeft te zijn voor de online versie. Dat betekent dus dat bedrijven, op basis van de geaccordeerde informatie, een losstaande website kunnen ontwikkelen met alle mogelijkheden en functionaliteiten die het web te bieden heeft voor financieel geïnteresseerden.”</p></blockquote>
<p>Belangrijke ontwikkeling is onder meer de opkomst van video, een lijn die je dit jaar nog veel verder doorgetrokken ziet worden. (Zie onder meer <a href="http://jaaroverzicht.gbo.overheid.nl/">GBO.Overheid</a>, <a href="http://www.jaarverslagrijkswaterstaat.nl/" target="_blank">Rijkswaterstaat</a> en <a href="http://www.annualreport2008.philips.com/" target="_blank">Philips</a>.)</p>
<div id="attachment_35697" style="width: 521px;">
<p style="text-align: center;"><img title="video Bijleveld" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/08/video-Bijleveld1.PNG" alt="Jaaroverzicht GBO.Overheid: video-interview staatssecretaris Bijleveld" width="511" height="275" /></p>
</div>
<h3>Voordelen online jaarverslag op een rij</h3>
<p>Tot zover de ontwikkelingen. Waarbij ik overigens meteen opmerk dat ik me ervan bewust ben dat ik met zevenmijlslaarzen door de tijd ben gestapt, en vast het een en ander over heb geslagen. Maar goed, ik wilde dan ook snel naar de voordelen van het online jaarverslag:</p>
<ul>
<li>Een online jaarverslag is als het goed is veel minder zendergericht en <strong>veel meer ingericht op de informatiebehoefte van de ontvanger</strong>. De informatie op een website, en dus ook op een online jaarverslag wordt veel minder lineair gelezen, dus zullen organisaties en ondernemingen zich meer bewust moeten zijn van die behoeften.</li>
<li>Doordat je online met veel meer <strong>verschillende contenttypen</strong> (tekst, beeld, infographics, video) kan werken, biedt dat ook <strong>meer mogelijkheden</strong>. Bijvoorbeeld om de menselijke maat in beeld te brengen. Op papier doen we dat met fotografie en goed, inlevend geschreven interviews. Online kan video een veel directer effect sorteren.</li>
<li>Een belangrijk voordeel is ook, dat een online jaarverslag mogelijkheden biedt voor <strong>(meer) interactie</strong>. Ik heb het nog niet veel gezien, maar je kunt er natuurlijk op wachten dat de verschillende features uit het scala van social media in de volgende generatie online jaarverslagen hun plek vinden. En terecht. Zo kunnen stakeholders nóg directer hun vragen beantwoord krijgen.</li>
<li>De aloude vraag ‘hoeveel mensen lezen zo’n jaarverslag nou eigenlijk’, is niet langer zo moeilijk te beantwoorden. Alles wat online staat, is <strong>meetbaar</strong>. Dus ook het online jaarverslag. Je kunt precies zien wat het meest gelezen wordt, en welke onderwerpen kennelijk het meest belangrijk worden gevonden. Waardevolle input voor verdere communicatie met stakeholders, al dan niet opnieuw in een (online) jaarverslag. Bovendien kun je zelfs targetten, want je kunt ook (ongeveer) zien wie wat leest.</li>
<li>Vaak is een online jaarverslag een extra website, náást je corporate website. Dat betekent dat het goede effecten kan hebben op de <strong>vindbaarheid </strong>van je organisatie.</li>
<li>Natuurlijk is het een beetje afhankelijk van de keuzes die je maakt en de leveranciers die je al dan niet inschakelt, maar in principe is een online jaarverslag <strong>goedkoper </strong>dan een offline jaarverslag. Je spaart druk- en vooral distributiekosten uit. Traditioneel zijn dit hoge posten, die drukken op het budget.</li>
<li>Ten slotte is een online jaarverslag (min of meer in het verlengde van het vorige punt) ook veel <strong>duurzamer </strong>dan een papieren jaarverslag.</li>
</ul>
<h3>Spaar bomen en budget: kies voor een online jaarverslag</h3>
<p>Natuurlijk, een papieren jaarverslag heeft ook zo z’n charme (en wat voordelen). Zo heb je echt iets (blijvends) in handen, biedt het stakeholders ook wel een béétje gemak (je kunt het hen gewoon toesturen, zodat ze er niet zelf voor naar een website hoeven te komen), kan een mooi jaarverslag als koffietafelboek dienen en kun je jezelf op allerlei plekken fysiek laten zien.</p>
<p>Toch weegt dat wat mij betreft niet op tegen de evidente voordelen van het ontwikkelen van een online variant. Daarom doe ik hierbij de oproep aan iedereen die nog twijfelt: kies voor een online jaarverslag!</p>
<h3>Volgende artikelen: realisatie, lancering en mogelijkheden in de rest van het jaar</h3>
<p>Stel, je gaat over naar een online jaarverslag. Wat komt er dan allemaal op je af? Hoe pak je het aan. Daar komt mijn collega <a href="http://www.sabelcommunicatie.nl/floorvanriet">Floor van Riet</a> in een volgend artikel op terug. Dat artikel verschijnt op maandag 17 augustus. In het artikel daarna zullen we schrijven over de lancering van het online jaarverslag, hoe je je stakeholders er op een leuke manier op attent kunt maken en wat je er in de rest van het jaar mee kunt.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.bugter.com/?feed=rss2&amp;p=63</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Best practices in online retailing</title>
		<link>http://www.bugter.com/?p=66</link>
		<comments>http://www.bugter.com/?p=66#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 18 Jun 2009 16:47:57 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Boudewijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[Frankwatching.com]]></category>
		<category><![CDATA[e-commerce]]></category>
		<category><![CDATA[internetadvies]]></category>
		<category><![CDATA[online retailing]]></category>
		<category><![CDATA[SEO]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.bugter.com/?p=66</guid>
		<description><![CDATA[Waar loop je als online retailer vooral tegenaan? Wat zijn de externe succesfactoren en wat zijn de interne valkuilen (of andersom)? Die vragen stonden centraal tijdens het seminar ‘Best practices in online retail’, dat werd georganiseerd door hybris, Eperium, Fredhopper en Checkit. De kernpunten uit de presentaties op een rij.

“Educate your customers”
Ariel Luedi, CEO van [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft" src="http://www.sabelcommunicatie.nl/l/library/download/2536?" alt="logo frankwatching" width="145" height="28" />Waar loop je als online retailer vooral tegenaan? Wat zijn de externe succesfactoren en wat zijn de interne valkuilen (of andersom)? Die vragen stonden centraal tijdens het seminar ‘Best practices in online retail’, dat werd georganiseerd door hybris, Eperium, Fredhopper en Checkit. De kernpunten uit de presentaties op een rij.<span id="more-66"></span></p>
<div>
<h2>“Educate your customers”</h2>
<p><a href="http://www.linkedin.com/in/arielluedi"><img style="margin: 5px; float: left;" title="luedi_ariel" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/06/luedi_ariel-119x150.jpg" alt="luedi_ariel" width="119" height="150" />Ariel Luedi</a>, CEO van <a href="http://www.hybris.com/">hybris</a>, opende het seminar. Hij gaf verschillende voorbeelden van succesvolle webshops. Daarbij liet hij bovendien veel functionaliteit van zijn e-commercepakket zien. Drie specifieke quotes sprongen er uit:</p>
<h3>What to show when to whom?</h3>
<p>Het is ontzettend belangrijk om complexe websites, met grote hoeveelheden content, makkelijk te kunnen beheren. Dat is een beetje een open deur, natuurlijk. Luedi plaatste deze opmerking echter in een kader van verschillende voorbeelden van internationale merken met webwinkels in meerdere landen of met shops die aansluiten bij verschillende doelgroepen. En die allemaal uit één database gevuld worden.</p>
<p>Hij vergeleek een website met een tv-zender. “Alles”, zei hij, “draait om content en programmering, om what to show when to whom?” Deze metafoor verwoordt mooi de complexiteit die komt kijken bij het hebben van meerdere sites, of bij het kiezen voor een multi- of zelfs een crosschannelbenadering.</p>
<h3>Eerst alles op elkaar afstemmen, dan pas promoten</h3>
<p>Een van de grote valkuilen van multi- of crosschannelretailers is te snel gaan roepen dat klanten op meerdere plekken terecht kunnen. “Bereid je goed voor op de reis die een klant moet kunnen maken, over meerdere kanalen”, is zijn dringende advies. “Zorg dat je alles tot in de puntjes op elkaar hebt afgestemd, en ga dan pas de verschillende kanalen actief promoten.”</p>
<h3>Succesvolle online retailers zorgen voor een doordachte online beleving</h3>
<p>“Geef mensen het idee dat ze het fysieke product bijna kunnen aanraken, laat hen ontdekken voordat ze kopen”, zegt Luedi. “En ga daarin zo ver mogelijk – je zult zien dat zelfs complexe productinformatie vaak wordt uitgespeld.” Zorg dat mensen kunnen zoeken of filteren en trechteren op producteigenschappen of -attributen. Kortom: “Educate your customers.”</p>
<h2>“Crosschannel in één keer invoeren, is overambitieus”</h2>
<p><img style="margin: 5px; float: right;" title="eperium_200x63" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/06/eperium_200x63.jpg" alt="eperium_200x63" width="200" height="63" /><a href="http://www.linkedin.com/pub/ronald-vermeulen/0/483/460">Ronald Vermeulen</a>, commercieel directeur van <a href="http://www.eperium.com/">e-commercespecialist Eperium</a>, somde interessante feiten op over de hedendaagse consument:</p>
<ul>
<li>Hij koopt via verschillende kanalen;</li>
<li>maar wil wel overal dezelfde informatie vinden;</li>
<li>wil een goede prijs betalen;</li>
<li>en wil het product dat hij koopt afgeleverd krijgen op een tijd en plaats die hij kiest.</li>
<li>Kortom: hij gaat voor gemak, genot en gewin.</li>
</ul>
<p>Vermeulen introduceerde <strong>4 voorwaarden voor crosschannel retail</strong>:</p>
<ol>
<li>Zorg voor een duidelijke strategie</li>
<li>Richt je organisatie erop in</li>
<li>Selecteer het juiste platform</li>
<li>Meet en verbeter doorlopend</li>
</ol>
<p>Hij benadrukte dat crosschannel shoppers onder aan de streep méér omzet opleveren. Toch waarschuwde hij voor het al te driest van start gaan. Vermeulen: “Iedereen die overweegt om alle voorwaarden voor crosschannel in één keer te integreren, heeft een overambitieus plan.”</p>
<h2>“E-business is marketing en IT, maar vooral: sales”</h2>
<p><img style="margin: 5px; float: left;" title="xlogo" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/06/xlogo.gif" alt="xlogo" width="175" height="50" /><a href="http://www.linkedin.com/in/onnocleijpool">Onno Cleypool</a>, manager E-business Europe bij <a href="http://www.xerox.com/">Xerox</a>, benoemde vier vraagstukken die elke organisatie lijkt te onderschatten:</p>
<ul>
<li><strong>Hoe denkt de organisatie over e-commerce? </strong><strong></strong>Zien ze het als project, of ben je echt bezig met een ingrijpende organisatorische verandering?</li>
</ul>
<ul>
<li><strong>Hoe is de back-up vanuit het management (top-down)? </strong>Stralen de senior managers vertrouwen uit? Praten ze graag over e-commerce, of zien ze écht de mogelijkheden? En: do they put their money where their mouth is? Met andere woorden: alloceren ze écht budget?</li>
</ul>
<ul>
<li><strong>Wat is de perceptie in de organisatie?</strong> Gaat e-commerce kansen creëren of is het een bedreiging voor het salesapparaat?</li>
</ul>
<ul>
<li><strong>Is het kennisniveau in je organisatie hoog genoeg? </strong><strong></strong>Kun je meekomen in de vaart der volkeren? Want als je instapt op het verkeerde niveau, is dat heel bedreigend.</li>
</ul>
<h3>Hoe werken de 4 voorwaarden in de praktijk?</h3>
<p>Cleypool gaf inzicht in hoe Xerox het model van de 4 voorwaarden voor crosschannel retail van Eperium had toegepast:</p>
<ul>
<li><strong>Stap 1: strategie ontwikkelen</strong><br />
- Markt onderzocht en gesproken met marktleiders<br />
- Gezocht naar vergelijkbare organisaties en geanalyseerd hoe zij e-business hebben georganiseerd, waar moeilijkheden ontstaan<br />
- Die ervaringen kopiëren naar Xerox en eigen markten<br />
- Strategie geformuleerd<br />
- Verwoord in strategiecontract, ondertekend door alle General Managers<br />
- Topmanagement draagt visie en strategie uit tijdens elk intern contactmoment</li>
</ul>
<ul>
<li><strong>Stap 2: inrichten van de organisatie op e-commerce</strong><br />
- Beloning sales afhankelijk gemaakt van internetverkoop (online omzet wordt toegerekend aan salesteams, maar wordt ook opgeteld bij het target)<br />
- Duidelijk maken dat e-business eraan komt – en <em>that it’s here to stay</em><br />
- Brainstorm sessies met sales en marketing: Hoe kan e-business helpen bij bereiken doelen?<br />
- Draagvlak (1): per land een telefonist(e) “specialist” gemaakt en betrokken bij werkgroep die alle processen in kaart bracht<br />
- Draagvlak (2): wekelijkse nieuws naar overige medewerkers<br />
- Nieuwe functies creëren en mensen opleiden</li>
</ul>
<ul>
<li><strong>Stap 3: Keuze platform<br />
</strong></li>
<li><strong>Stap 4: Meten en beheren</strong><br />
- Redesign van website (met hulp van usability-expert)<br />
- Datastromen in kaart gebracht en geïntegreerd – zowel content als transactionele data</li>
</ul>
<p>Maar Xerox ging verder en voegde nog een vijfde en zesde stap toe. Daarin ging het onder meer om het trainen van de salesforce om e-business optimaal te benutten en om aanvullende e-mailpromotie.</p>
<h2>“We gaan voor ROI-driven online leadership”</h2>
<p style="text-align: center;"><img title="bijenkorf" src="http://www.frankwatching.com/wordpress/wp-content/uploads/2009/06/bijenkorf.jpg" alt="bijenkorf" width="600" height="330" /></p>
<p><a href="http://www.linkedin.com/in/jorritdg">Jorrit de Groot</a>, online-marketeer bij <a href="http://www.debijenkorf.nl/">De Bijenkorf</a>, deed uit de doeken hoe de dit jaar ge-relaunchte webshop in 6 maanden tijd uit de grond is gestampt. En gaf inzicht in de doorontwikkelingsplannen (lees ook het <a href="http://www.twinklemagazine.nl/nieuws.aspx?id=25416">artikel dat Twinkle publiceerde over de presentatie van de Bijenkorf</a>).</p>
<h3>Lessons learned</h3>
<p>Cruciaal in de aanpak waren onder meer de volgende punten:</p>
<ul>
<li>Een zeer strakke planning, waarbij evenveel aandacht werd besteed aan het bouwen, vullen én runnen van de webshop</li>
<li>Commitment creëren bij de voltallige directie, maar óók bij de afdelingen inkoop, marketing en sales</li>
<li>Zorgen voor de juiste mix van kennis en ervaring in het team</li>
</ul>
<h3>Toekomstbeeld: microtargeting, profiling en inzicht in consumentengedrag</h3>
<p>Uiteindelijk wil de Bijenkorf, hoewel ze zich maar al te goed realiseert een beginneling te zijn, in rap tempo doorgroeien naar ‘online leadership’. In de toekomst richt het warenhuis zich ROI-driven onder meer op microtargeting, profiling en continu inzicht in het online én offline gedrag van de doelgroepen.</p>
<h2>“Focus op de quick wins”</h2>
<p><a href="http://www.linkedin.com/in/frankclaasen">Frank Claasen</a>, Senior Account Manager bij <a href="http://www.checkit.nl/">search engine mediabureau Checkit</a>, sloot het programma af. Hij constateert bij veel online retailers dat ze vaak goed zichtbaar en vindbaar zijn op het niveau van de homepage (www.bedrijfsnaam.nl), en op productniveau. “Het niveau daartussen, van de verschillende productcategorieën, wordt vaak vergeten”, zei hij. “Zonde, want vooral daar is veel winst te behalen.”</p>
<blockquote><p>Een voorbeeld: wie zoekt op ‘laptop’ komt veel vergelijkingssites en dergelijke tegen. Zoek ik echter op ‘laptop acer aspire 5520g’, dán pas komen de winkeliers in de eerste tien zoekresultaten terug.</p></blockquote>
<h3>Praktische tips om te starten met search</h3>
<p>Claasen gaf de volgende praktische tips:</p>
<ul>
<li>Stel realistische en meetbare doelen, voor de korte én de lange termijn</li>
<li>Focus op quick wins</li>
<li>Wees vooral vindbaar op je kernactiviteiten en je USP’s</li>
<li>Weet wie je doelgroep is</li>
<li>Ken het zoekgedrag van je doelgroep</li>
<li>Testen, testen, testen</li>
<li>Meet alles (bijvoorbeeld met Google Analytics</li>
<li>Breid stap voor stap je search-activiteiten uit</li>
</ul>
<h3>Search optimaliseert conversie voor webshop BCC in twee fasen</h3>
<p>Claasen lichtte toe hoe <a href="http://www.bcc.nl/">elektronicaketen BCC</a> search inzette om haar webshop effectiever te maken:</p>
<ul>
<li>De eerste stap is het formuleren van een goede searchstrategie, waarbij duidelijke KPI’s worden benoemd. Daarop wordt duidelijk gestuurd.</li>
<li>Vervolgens werd gekeken naar de optimalisatie van de webshop, bijvoorbeeld door aparte landingspagina’s te creëren met de juiste keywords. Daardoor werd BCC ook in categorieën beter gevonden.</li>
</ul>
<p>Hij stipte bovendien aan dat het onmogelijk is om de search-principes op élk product toe te passen &#8211; daarvoor heeft de gemiddelde webshop simpelweg te veel producten. “Maar”, adviseerde hij, “kies dan de belangrijkste producten uit &#8211; bijvoorbeeld de best verkopende &#8211; en zorg dat de productomschrijvingen dáárvan voldoende keywords bevatten.”</p>
<h3>Tips voor uitbouwen search-activiteiten</h3>
<p>Ten slotte gaf Claasen tips voor het uitbouwen van search-activiteiten:</p>
<ul>
<li>Evalueer je doelstellingen en specificeer ze (branding, traffic, conversie)</li>
<li>Zorg voor een volledig en duurzame SEO vriendelijke website</li>
<li>Werk aan de usability van de website</li>
<li>Gebruik de synergetische werking tussen SEO &amp; SEA</li>
<li>Blijf meten (Return on Investment)</li>
<li>Zet overige Search middelen (Vertical Search, Social Search) ook in</li>
<li>Zorg voor afstemming van offline en online marketinginzet</li>
</ul>
<h2>Memorable quotes</h2>
<p>In de stijl van een van mijn favoriete websites, IMDB.com, zet ik graag nog een paar ‘memorable quotes’ van de sprekers (en dagvoorzitter) op een rij:</p>
<blockquote><p><strong>Als we het over e-commerce hebben, dan spreek ik liever van ‘vakmanschap’ dan van ‘best practices’</strong></p>
<p>– <a href="http://www.linkedin.com/pub/frederik-nieuwenhuys/0/391/8a4">Frederik Nieuwenhuys</a>, directeur van <a href="http://www.fredhopper.nl/">Fredhopper</a></p>
<p><strong>Een webshop is als een tv-zender: het gaat om content en om programmering &#8211; What to show when to whom?</strong></p>
<p>– Ariel Luedi, CEO van hybris</p>
<p><strong>Iedereen die alle factoren van crosschannel in één keer wil integreren, heeft een overambitieus plan.</strong></p>
<p>– Ronald Vermeulen, commercieel directeur van Eperium</p></blockquote>
<blockquote><p><strong>Een webshop bouwen is als het omleggen van een fietsketting: je kunt in theorie vooruit, maar zonder stuur en trappers kom je nergens.</strong></p>
<p>– Onno Cleypool, manager E-business Europe bij Xerox</p>
<p><strong>Een belangrijke succesfactor voor een e-commerceproject: besteed evenveel aandacht aan het bouwen, vullen én runnen van een webshop.</strong></p>
<p>– Jorrit de Groot, online-marketeer bij de Bijenkorf</p></blockquote>
<blockquote><p><strong>In searchstrategieën focussen bedrijven vaak alleen op het hoofdniveau (homepage) en productniveau – terwijl er ook op categorieniveau veel winst te behalen is.</strong></p>
<p>– Frank Claassen, Senior Account Manager bij Checkit</p></blockquote>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.bugter.com/?feed=rss2&amp;p=66</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Onderzoek: medium is te vaak &#8216;the message&#8217;</title>
		<link>http://www.bugter.com/?p=60</link>
		<comments>http://www.bugter.com/?p=60#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 10 Jun 2009 15:39:39 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Boudewijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[IC (Interne Communicatie)]]></category>
		<category><![CDATA[bedrijfsjournalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[communicatiestrategie]]></category>
		<category><![CDATA[interne communicatie]]></category>
		<category><![CDATA[internetadvies]]></category>
		<category><![CDATA[intranet]]></category>
		<category><![CDATA[middelenmix]]></category>
		<category><![CDATA[personeelsblad]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.bugter.com/?p=60</guid>
		<description><![CDATA[Hoe bereik je synergie in je interne middelenmix? Door niet over middelen na te denken, totdat je vanuit medewerkersperspectief naar onderwerpen en daaruit volgende content hebt gekeken. Open deur? Misschien. Maar zo werken opvallend weinig organisaties, blijkt uit onderzoek van Sabel Communicatie.

In januari 2009 publiceerde ik een artikel op Frankwatching – een online magazine over [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Hoe bereik je synergie in je interne middelenmix? Door niet over middelen na te denken, totdat je vanuit medewerkersperspectief naar onderwerpen en daaruit volgende content hebt gekeken. Open deur? Misschien. Maar zo werken opvallend weinig organisaties, blijkt uit onderzoek van Sabel Communicatie.<span id="more-60"></span></p>
<div>
<p>In januari 2009 publiceerde ik een artikel op Frankwatching – een online magazine over digitale trends – naar aanleiding van het bericht dat ministeries stoppen met hun personeelsblad en intern primair via intranet communiceren. Op dit artikel volgde een discussie die vooral tot het besef leidde dat organisaties veel kennis voor waar aannemen, en weinig zeker weten. Geïnspireerd door dat besef, besloot ik onderzoek te doen naar de ideale mix van middelen, met speciale aandacht voor intranet en personeelsbladen.</p>
<h3>Onderzoeksopzet: enquête gevolgd door interviews</h3>
<p>Het onderzoek is opgezet in twee delen: kwantitatief en kwalitatief. Het kwantitatieve deel is ingevuld met een online enquête. Daarop hebben ruim driehonderd mensen gereageerd; het merendeel is communicatieadviseur, -medewerker of -manager.</p>
<p>Het kwalitatieve deel bestond uit interviews met in totaal vijftien organisaties uit de publieke, non-profit en commerciële sector. In de (semi-)overheids- en non-profitsector spraken we met drie gemeenten, een provincie, twee ministeries, een rechterlijke organisatie, een ziekenhuis, een internationaal kenniscentrum en een rijksinspectiedienst. Daarnaast spraken we vijf grote commerciële organisaties: een financiële instelling, een vervoersbedrijf, een logistieke onderneming, een grote retailer en een toeristische organisatie.</p>
<h3>Uitkomsten enquête</h3>
<p><strong>Hoe ziet uw middelenmix eruit?</strong></p>
<p>We vroegen de respondenten hoe hun middelenmix er uit ziet, op basis van een keuzelijstje (inclusief ‘Anders, namelijk…’). Intranet is het meeste genoemde middel, op de voet gevolgd door informatiebijeenkomsten, het personeelsblad en een e-mailnieuwsbrief. Opmerkelijk is dus, dat informatiebijeenkomsten vaker worden genoemd dan het personeelsblad. Blogs en video’s zijn nog sterk in de minderheid. De respondenten mochten meerdere antwoorden geven, maar over synergie tussen de verschillende middelen is op basis van deze enquête geen conclusie te trekken.</p>
<p><strong>Wie is er verantwoordelijk voor uw intranet of personeelsblad?</strong></p>
<p>Vervolgens vroegen we naar de verantwoordelijkheid voor de afzonderlijke middelen, waarbij we focusten op intranet en personeelsblad. Voor het personeelsblad is Communicatie vrijwel altijd (eind)verantwoordelijk. En dat geldt ook voor intranet, maar soms ligt de verantwoordelijkheid daarvoor bij een IT- of HR-afdeling. Dat brengt ons bij beheer en redactie. Want het intranet wordt overwegend decentraal beheerd, ondanks het feit dat Communicatie vaak (eind)verantwoordelijk is. Het personeelsblad wordt over het algemeen centraal gemaakt door de communicatieafdeling. Opvallend: de productie van het personeelsblad wordt slechts bij 5% van de respondenten uitbesteed aan een extern bureau.</p>
<p><strong>Gemiddeld geschat budget en grootte team</strong></p>
<p>Hoe zit het met budget en capaciteit? Eerst de capaciteit: de respondenten mochten een inschatting maken van het aantal personen dat fulltime werkt aan de afzonderlijke middelen. Het gemiddelde voor intranet ligt dan tussen de 0 en 5 fulltime medewerkers, en dat is bijna hetzelfde voor het personeelsblad. Een relatie met de grootte van de organisatie is op basis van dit onderzoek niet te leggen.</p>
<p>Dan de budgetten. Hoewel intranet in organisaties veel meer wordt ingezet dan een personeelsblad, wordt er relatief minder geld aan besteed. De respondenten hebben een budget tussen de 15.000 en 50.000 euro voor hun personeelsblad, terwijl 50% voor intranet jaarlijks minder dan 15.000 euro overheeft. De druk- en distributiekosten van een personeelsblad zouden dat verschil kunnen verklaren, kosten die voor intranet immers niet nodig zijn. Een andere verklaring zou kunnen zijn, dat de kosten voor hosting, technisch beheer en onderhoud van intranet verspreid zijn over verschillende afdelingen (bijvoorbeeld IT, Communicatie en HRM), waardoor de respondenten het totale budget niet kunnen inschatten.</p>
<h3>Uitkomsten interviews</h3>
<p>Voor een groot deel bevestigen de interviews de resultaten van de enquête. De budgetindicaties verschillen bijvoorbeeld nauwelijks, en datzelfde geldt voor de inschatting van de capaciteit. Maar interviews gaan meer de diepte in. Waar de enquête inzicht geeft in de plek van de verschillende middelen in de interne communicatie, en in het belang dat er aan gehecht wordt, ging het er bij de interviews meer om best practices en beproefde recepten boven tafel te halen. We focusten dan ook op onderwerpen als doelen per middel, redenen om middelen in te zetten, werkwijze en synergie in de middelenmix. We pikken er een paar zaken uit.</p>
<p><strong>De &#8216;universele middelenmix&#8217; bestaat niet</strong></p>
<p>Kort door de bocht bevestigen de interviews vooral het vermoeden dat er geen standaardrecept voor succes is: de ‘universele middelenmix’ bestaat niet. Het is een open deur, maar elke situatie is anders en vraagt om zijn eigen aanpak.</p>
<p><strong>Vaak medewerkers die geen eigen account</strong> <strong>hebben</strong></p>
<p>De opbouw van het medewerkersbestand is een interessant aandachtspunt. Bijna alle organisaties de we spraken, hebben medewerkers die géén eigen werkplek hebben, aan een balie staan of veel buiten kantoor werken. Vaak kunnen zij wel bij een computer met intranettoegang, of is het technisch mogelijk om vanuit huis in te loggen. De ervaringen daarmee zijn wisselend; medewerkers die zich heel erg verbonden voelen met hun werkgever maken daar wel gebruik van. In andere organisaties is het duidelijk niet de manier om hun medewerkers te betrekken, ook al proberen ze wel om medewerkers naar het intranet te ‘lokken’. Bijvoorbeeld door bepaalde HR-functies (zoals verlof aanvragen) alleen nog maar digitaal mogelijk te maken. Dat levert nog geen significante verbeteringen op.</p>
<p><strong>Doelstellingen volgens het boekje: blad bindt, intranet voorziet van snel nieuws</strong></p>
<p>Dat brengt me op de doelstellingen. Die zijn bij de meeste organisatie geformuleerd volgens het boekje: een personeelsblad wordt vooral ingezet om medewerkers te voorzien van achtergrondinformatie. En om hen te binden aan de organisatie. Intranet – al dan niet aangevuld met (e-mail)nieuwsbrieven – wordt vooral gebruikt voor de actuele nieuwsvoorziening. Intranet dient bovendien vaak als kennisbank, als procesondersteunend bedrijfsmiddel, als servicekanaal en als middel om medewerkers met elkaar in contact te laten treden.</p>
<p><strong>Communicatieafdelingen voelen zich vooral verantwoordelijk voor nieuwsfunctie</strong></p>
<p>Wat daarbij heel erg opvalt, is de invulling van de verantwoordelijkheid voor intranet. Uit de enquête blijkt dat communicatieafdelingen heel vaak (eind)verantwoordelijk zijn voor het intranet als geheel, maar uit onze interviews blijkt dat de zij zich eerst en vooral verantwoordelijk voelt voor de nieuwsvoorziening via intranet. En eventueel nog voor wat corporate informatie.</p>
<p>De overige zaken, zoals de procesondersteuning, de (taak)informatie die elke afdeling publiceert, de manier waarop processen zijn ingericht (taken als verlof aanvragen et cetera), vallen vaak onder de verantwoordelijkheid van ándere afdelingen (IT, HR, informatie-eigenaren). De inbreng van Communicatie op de realisatie van dit soort onderdelen van het intranet stopt in veel gevallen bij het doorverwijzen naar IT, of bij het faciliteren van decentrale beheerders door bijvoorbeeld een CMS-cursus of webschrijftraining te verzorgen.</p>
<p>Deze constatering zou een verklaring kunnen zijn voor de uit de enquête gebleken lage inschattingen van de budgetten voor intranet. We deden eerder de aanname dat de budgetten versnipperd zijn, en dat het daarom voor de respondenten moeilijk is om een goede inschatting te maken. De 15.000 euro is dan hoogstwaarschijnlijk hun eigen deel van het totale budget dat een organisatie voor intranet beschikbaar stelt.</p>
<p><strong>&#8216;Synergie&#8217; in de middelenmix: vaak nauwelijks meer dan kruisverwijzingen</strong></p>
<p>Ten slotte is de mate van synergie tussen de communicatiemiddelen opvallend. Die synergie bestaat eruit, dat er gekeken wordt naar een verdeling tussen de soorten informatievoorziening: actuele nieuwsberichten over een onderwerp of gebeurtenis worden geplaatst op intranet en de achtergronden in het personeelsblad. En daar stopt het vaak. Een enkele organisatie hanteert nog een redactioneel concept dat in zowel personeelsblad als op intranet is doorvertaald (bijvoorbeeld zelfde naam, of artikelen ‘doorplaatsen’), maar negen van de tien keer komt het niet veel verder dan een kruisverwijzing (“Zie ook…”).</p>
<h3>Concluderend…</h3>
<p>Twee zaken vallen mij echt op:</p>
<ol>
<li>Ten eerste dat <strong>afdelingen Communicatie zich primair verantwoordelijk voelen voor de informerende functie van hun communicatiemiddelen</strong>, niet voor onderdelen als taakinformatie en procesondersteuning.Zoals we zagen, stopt de inbreng van de afdeling Communicatie vaak bij de nieuwsvoorziening op intranet en het faciliteren van beheerders. En dat is gek. Want een afdeling Communicatie zou bij uitstek in staat moeten zijn om de vertaling van functionele wensen en eisen van de organisatie in een bruikbaar middel te begeleiden. Nu ligt die verantwoordelijkheid vaak bij IT, maar communicatieprofessionals zijn onmisbaar, vanwege hun inlevingsvermogen in de medewerkers en kennis van de context van het middel. Zij zijn de advocaat van de gebruiker, en moeten telkens de kritische vragen stellen: Wat heeft een medewerker hier aan? Is het allemaal duidelijk? Wie helpen we hier nou écht mee?</li>
<li>Maar de belangrijkste conclusie uit dit onderzoek – en dat ligt in het verlengde van het voorgaande – het verbaast me behoorlijk om te zien dat er <strong>bij de inzet van communicatiemiddelen zo weinig over de doelgroep wordt nagedacht</strong>. Dat kan de effectiviteit nooit ten goede komen.</li>
</ol>
<p>In de kern komt het hierop neer: effectief gebruik van communicatiemiddelen gaat verder dan nadenken over wat je hebt. Wat mij betreft liggen daar de kansen voor effectieve interne communicatie. Sak van den Boom hield onlangs een betoog met de titel ‘De stekker eruit en opnieuw beginnen’. Zijn boodschap: je moet telkens opnieuw, middelonafhankelijk nadenken over de beste inzet van media. Mijn idee!</p>
<p><strong>Op de automatische piloot terugvallen op huidige middelen</strong></p>
<p>Communicatieafdelingen grijpen, op een paar lichtende voorbeelden na, elke keer klakkeloos terug op de middelen die er al zijn. En doen dat bovendien op de automatische piloot. Soms maken ze op onderwerpniveau een verdeling (achtergronden in het personeelsblad, snel nieuws op intranet), maar meestal gaat ‘synergie’ niet verder dan kruisverwijzingen. En wordt primair de nieuwsfunctie van intranet en het personeelsblad ingezet.</p>
<p><strong>Denk na over onderwerpen, daaruit volgende content en dán pas over middelen</strong></p>
<p>Denk na over onderwerpen, daaruit volgende content en ga dán pas nadenken over een verdeling over concrete middelen. Doe dat bovendien op basis van de behoeften van je medewerkers in relatie tot het onderwerp, hun werk en de functie die het onderwerp in de context van hun werk vervult. Dat leidt dan vanzelf tot inzichten over de best passende middelen en de manier waarop je die inzet. Bijvoorbeeld achtergrondartikelen in het personeelsblad combineren met dossiers op intranet, vol relevante documentatie en video’s die snel en toegankelijk verdieping bieden. En daar bovendien medewerkers de mogelijkheid bieden direct te reageren. Om maar wat te noemen.</p>
<p>Als je denkt vanuit het perspectief van medewerkers, dan moet het mogelijk zijn om inventievere methoden te vinden om de elkaar aanvullende functies van de afzonderlijke middelen in je middelenmix beter te benutten. En alleen zo kun je werkelijk synergie bereiken.</p>
<p><em><a href="http://www.sabelcommunicatie.nl/boudewijn">Boudewijn Bugter</a> is communicatie- en internetadviseur, en directeur van Sabel Communicatie Den Haag. Bij zijn onderzoek kreeg hij onmisbare hulp van Elisanne van der Tuuk (studente Communicatie aan de Haagse Hogeschool), Esther Settels (studente Digitale Communicatie aan de Hogeschool Utrecht) en de redactie van <a href="http://www.frankwatching.com/">Frankwatching</a>. </em></p>
<p><strong>Dit artikel verscheen (in licht gewijzigde vorm) in <a href="http://www.communicatieonline.nl/pagina/nu-in-internecommunicatie/" target="_blank">IC (Interne Communicatie)</a>, nr. 3, jaargang 8, juni 2009.</strong></div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.bugter.com/?feed=rss2&amp;p=60</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
