|
De Nederlandse railinframanager ProRail heeft een
belangrijke maatschappelijke taak. De organisatie levert de
randvoorwaarden voor het vervoer van 1 miljoen reizigers en 80.000 ton
aan goederen per dag. Niet voor niets is de pay-off van de in september
gestarte arbeidsmarktcommunicatiecampagne ‘Wij zorgen voor de
railmobiliteit van Nederland’. ProRail is door het Ministerie van
Verkeer en Waterstaat belast met de verdeling van de beschikbare
capaciteit op het spoorwegnet onder de verschillende vervoerders (NS en
een aantal andere reizigers- en goederenvervoerders), is
verantwoordelijk voor de railverkeersleiding en zorgt voor beheer en
instandhouding van het spoor. Dat betekent onder andere dat er
regelmatig onderhoud moet worden gepleegd, en dat er nu en dan voor een
uitbreiding van het spoorwegnet wordt gezorgd.
ProRail heeft te maken met veel verschillende
stakeholders. Er is de overheid, in al haar geledingen. Verder heeft
ProRail de verschillende spoorwegondernemingen als klant: personen- en
goederenvervoerders. De organisatie maakt bovendien gebruik van de
diensten van bedrijven, uiteenlopend van ingenieursbureaus tot
schoonmaakdiensten, en van een aantal vaste aannemers waaraan ProRail
het beheer en onderhoud van het spoor heeft uitbesteed. En ten slotte
zijn er nog de pers en het publiek. Deze groepen zijn belangrijk voor
ProRail: de pers beïnvloedt de publieke opinie die op haar beurt weer de
besluitvorming van de verschillende overheden kan beïnvloeden. Maar
bovenal wil ProRail natuurlijk gewoon een goede relatie onderhouden met
alle stakeholders.
In de externe communicatie van ProRail speelt de
website een belangrijke rol. In 2004 werd dan ook veel tijd en energie
geïnvesteerd in een complete herziening van de website. Daarvoor was de
site nauwelijks gericht op een duidelijk afgebakende doelgroep en was er
geen sprake van een duidelijke afspiegeling van de organisatie en wat
zij voorstaat. Bovendien was de beschikbare informatie zeer slecht te
vinden.
ProRail koos voor een herontwikkeling van de site,
waarbij de doelgroepen centraal stonden; elke hierboven geformuleerde
doelgroep (pers, publiek, overheden, spoorwegondernemingen – op de site
simpelweg ‘vervoerders’ genoemd – en zakenpartners) kreeg haar eigen ‘kanaal’:
een site binnen de site. De doelgroepen zijn elk schier eindeloos verder
te segmenteren, maar als zodanig duidelijk afgebakend.
Tijdens de herziening heeft de afdeling Communicatie
van ProRail per kanaal gebruik gemaakt van zogenaamde ‘redactieraden’,
bestaande uit inhoudelijk deskundigen die veel contacten hadden met de
betreffende doelgroep en zodoende een redelijk beeld van de
informatiebehoefte van die doelgroep konden hebben. Omdat dat echter een
gekleurd beeld oplevert (de organisatie is per definitie natuurlijk íets
positiever over de eigen informatievoorziening dan de doelgroep en
veronderstelt daardoor soms dingen bekend die dat niet zijn), is er ook
contact met de verschillende doelgroepen geweest om de als ‘nodig’
bestempelde onderwerpen te testen.
Niet alleen de al geformuleerde onderwerpen werden
getest. Doordat er diepte-interviews met personen uit de doelgroep
werden gehouden, kon de mening over en houding ten opzichte van vele
zaken in beeld worden gebracht, evenals de behoeften en verwachtingen
van de doelgroep. Zo bleek bijvoorbeeld dat ProRail veel meer informatie
gewoon op de website zou kunnen zetten, zodat men het er zelf af zou
kunnen halen, terwijl dat nu allemaal per post of e-mail actief naar de
doelgroepen verstuurd wordt. Met andere woorden het informatiezoekgedrag
van de doelgroep was dus anders dan werd aangenomen – een belangrijk
gegeven om mee te nemen in de ontwikkeling van een website. Zo werd nog
een aantal zaken plotseling inzichtelijk. Op basis van deze zaken kon
per kanaal een heel duidelijk doelgroepprofiel worden opgesteld, dat nog
steeds gebruikt wordt om te toetsen of en in welke vorm nieuwe
informatie toegevoegd moet of kan worden.
ProRail heeft bovendien gemerkt dat het betrekken van
de doelgroepen bij het ontwikkelen van de website een positieve invloed
heeft gehad op de bereidheid bij die groepen om de site te bezoeken en
te gebruiken. Verder straalt zoiets natuurlijk ook af op het beeld dat
de doelgroepen van de organisatie zélf hebben. Het is dus, behalve
noodzakelijk voor een (kosten)effectieve inzet van webcommunicatie in de
communicatiemix, ook uit oogpunt van pr en relatiebeheer aan te raden.
© 2005 bugter.com |
Praktijkvoorbeeld Doelgroepen in beeld bij ontwikkeling
www.prorail.nl
|